Reflecties lezers op ‘TAO’

 

016-1a0243Anne Koole schreef:

Heel veel dank voor alles wat ons in genade geboden wordt vanuit de schaal van de Oosterse Wijsheid ! 

Maar wat moet ik zeggen?  Wat reflecteren?                    Wil er wel wat gezegd en geschreven worden?             Wil Tao dat wel?                        In mij wekken de Tao-lessen het diepe gevoel dat het beter is te leren zwijgen en hoe langer hoe stiller te worden. Maar hoe doe ik dat, of ook: hoe doe ik dat niet.  Komt het ‘als vanzelf’ als ik me op Tao richt? 

Vanuit mijn jeugd en christelijke traditie komen een paar woorden van Guido Gezelle in mijn herinnering:

mist-2‘Gij bad op enen berg alleen, en Jesu, ik en vind er geen waar ‘k hoog genoeg kan klimmen om U alleen te vinden.

De wereld wil mij achterna al waar ik ga of sta of ook mijn ogen sla. En arm als ik en is er geen… O leer mij, arme dwaas, hoe dat ik bidden moet !”  Of ook: ‘hoe dat ik stiller wordt’.

Guido Gezelle dicht over een berg. Dat is – ook als wij die weg willen gaan –  geen weg van meer, maar van minder worden. De weg ook van Tao, met het vasten van het hart. 

Anne Koole

kom

Een andere lezer, Monique Weemhof bracht het volgende in:

De weg van Tao

nnnIn het hele bestaan herken ik een opgaande stuwende kracht en een neergaande loslatende kracht; zo ook in de ontwikkeling van de mensheid. Onze geschiedenis kent een lange weg van bevrijding van het individu uit diverse soorten van symbiose: familie, stam, volk, religie of ideologie. Het menselijke bewustzijn ontwikkelt zich als een kind dat zich losmaakt van de onbewuste verbinding met de moeder om daarna zich tot een volwassen individu te kunnen ontwikkelen; van pre-persoonlijk naar persoonlijk. Wanneer hij beseft een van de wereld afgescheiden individu te zijn, kan hij vanuit afzondering naar verbondenheid teruggaan. Deze keer bewust; de transpersoonlijke weg.

 

cb2007018_ontmoetingHet Taoïsme kan een leidraad vormen of bruggen bouwen in dit proces van transformatie doordat het kan bijdragen aan een nieuwe identiteit, nl een bewegingsidentiteit, die zich kenmerkt door een openheid, een identiteit in beweging, zich steeds opnieuw verbindend.

De god Shiva, uit het Hindoeïsme verzinnebeeld dit, de eeuwige dans van schepping en vernietiging op de demon van onachtzaamheid. Wat het beeld aangeeft, is dat wij door bewuste aandacht/awareness, in contact kunnen komen met dit stromende, dat leven en dood omvat of overstijgt. Vanuit niet-doen, vanuit overgave aan leven met als voorwaarde dood. Vanuit een bereidheid steeds in ieder moment te worden en sterven, steeds opnieuw. Vanuit het opgeven van een star zelf, een starre wereld, waaraan we ons vastklampen. Dat we onze angst dat alles stroomt en daarom de dood een voorwaarde is voor leven, overwinnen door deze allereerst te ervaren en erkennen.

paper-art-bijoux-sculptures-lydia-hirte-T-Hsav0_Ontwikkeling of ontplooiing komt vanzelf in de overgave, wanneer je jezelf openstelt en de angst voor de relativering van je eigen ik, in een tijdelijk sterven kunt overwinnen. In het taoïsme herken ik hier “het kleiner worden”                                                      Ik denk dat veel geweld, extremisme en oorlog terug te voeren is op de verstarring in de mens, het niet kunnen, willen stromen, de angst voor de dood en daardoor het willen grijpen, controleren en vastzetten

4De extremist, die in ons ieder aanwezig is, brengt de mens het liefst terug naar onvrijheid, naar verstarring. De psychische boodschap is; ik kan me niet verbinden met de stroom en jij mag dat ook niet, anders wordt mijn angst vergroot. Ik vernietig de verbinding in mezelf en vernietig ook die in jou. Ook machtsspelletjes zijn uitingen zich niet te durven verliezen in de overgave.

De overgang naar een open bewegende identiteit voltrekt zich meestal na een crisis. Het leven moet blijkbaar de grens hardhandig openbreken, voor de kikker uit de put wil, voor de vis het open water verkiest voor zijn aquarium.

wallup.net

Het taoïsme kan naar mijn idee helpen om verwarring over het onderscheid tussen religie en doodsangst op te lossen en verbinding met de stromende bewegende Teh te herstellen in onszelf en daarmee in de wereld. Wij kunnen bij onszelf beginnen omdat via ons lichaam het bezielde contact met de ander tot leven kan komen.

Als we ons met een mens werkelijk kunnen verbinden, vindt uitbreiding vanzelf plaats, want werkelijk verbinden is overgave aan de bron, die beweging voortbrengt en in alles aanwezig is.

DSC03209Het begrip “diep” resoneert in mij, omdat het een beeld geeft van gelaagdheid. Zo ook het woord “dubbel”(geheimzinnig).                        Als ik de wereld ervaar, ervaar ik een bepaalde gelaagdheid, die als werkelijk aanvoelt. In het spirituele domein hebben we het vaak over ego, als iets verwerpelijks, maar bevrijdend vind ik de houding van acceptatie en loslaten in het Taoïsme t.o.v. het dwingende, vastgrijpende karakter van vele stromingen. Ook het ego is deel van de mens. De egofuncties zorgen ervoor dat je, als kind voldoende voeding, liefde en bescherming krijgt, om lichamelijk en psychisch gezond te blijven. Vanaf de pubertijd is er de menselijke taak om tot wasdom te komen, door de gebieden die in de schaduw zijn komen te liggen, door de noodzakelijke aanpassing, te belichten. Wat overblijft na deze uitzuivering –  in het ideale geval – is een organisme, dat in harmonie leeft met zichzelf en zijn omgeving. Dan is er de mogelijkheid tot creatieve aanpassing en een flexibele ego-grens.

12Ik ervaar een ontwikkelingsproces van ego, naar zelf, naar ziel. Het ego zorgt voor creatieve aanpassing, het Zelf ervaar ik als een proces, waarbij ik steeds meer leer mijn gevoelens te herkennen, accepteren en hanteren en het toe-eigenen van mijn schaduwkanten. Het ego zie ik als deel van het zelf, het Zelf deel van de Ziel. De Ziel is dat wat ons een maakt met anderen, er gelijk aan is. Het Griekse woord Ziel, duidt oorspronkelijk op onze fundamentele afhankelijkheid van het andere, de ander. Het woord Ziel geeft in deze betekenis aan, dat er geen werkelijke ego’s bestaan, maar dat deze slechts illusie zijn. De werkelijkheid is ongedeeld, maar deelt zich toch. Hier ervaar ik de dubbelheid. Het ongedeeld zijn en zich toch delen lijkt een paradox. Het is voor ons moeilijk te bevatten dat tegenstellingen beide waar zijn of misschien beter gezegd, aanwezig zijn en allebei evenveel waarde bezitten. Deze “mindset” is via het Taoïsme, goed te beoefenen.

Monique Weemhof

kom

Een van de zogeheten”Theetjes” van Cees Schrama luidt:

beweging1Tao is essentie van bestaan, zowel oorzaak als gevolg. Wordt dan ook geprojecteerd gezien in alles wat is. Alles wat is – de 10000 dingen –  werken op elkaar in en dat komt door kracht. Deze 10000 dingen lijken afzonderlijk te bestaan, maar zijn deel van een geheel. De kracht tussen de 10000 dingen is niet autonoom, is niet zo maar ontstaan, maar vanuit Tao. Dus essentie gerealiseerd is kracht. Tao representeert zich aan de 10000 dingen middels Teh. Voor veel van de 10000 dingen is dit een vanzelfsprekende zaak. Wij mensen verwonderen ons erover.  .   .                Cees Schrama

kom

Guido Ten Berge schreef:

1111Brood met Tao gebakken.
Behoedzaam met liefde bakken en is als een volk regeren. Het grote zit in het kleine, zo ook in ons dagelijkse brood.

Brood vanuit Tao bakken doen slechte regeerders beven. Als zij wisten welke kracht eerlijk brood de liefde vergroot.

Tao brood doet geen kwaad alleen zij die het niet eten. Zij sterven van honger door het gemis van een verfijnder leven.

Als er teveel belasting op het graan en het bakken wordt geïnd. Het onbestuurbare komt voort uit het eigenbelang van heersers.

 

Zij die geen eigenbelang nastreven, doen hun brood in stilte eten.
De waarde van Geestelijk brood zit in het kleine, het grote delen.

Brood vanuit Tao gebakken geschied vanuit Liefde en haar kennis.
De toewijding aan jezelf, de ander het totaal is dat het gisten doet.

Brood doet mensen geen kwaad wel genadebrood van rijken eten,
Wijze mensen doen niemand kwaad, herkent de bakker aan zijn brood.

kom

Een tweede “Theetje” :

123Om iets te kunnen worden moet er eerst niet iets, niets zijn. Expanderende dimensies zoals ruimte en tijd bepalen ons gedachten veld. Maar er is meer, en minder, en anders. Als je essentie van bestaan wil begrijpen moet je terug naar de basis: Dimensieloos en tijdloos!

Maar dan: Wat is dan de mens? Wat is dan de wereld? Wat is dan zijn? Wat is dan niet-zijn?

Cees Schrama

kom

 

Marjet van Wijk laat ons delen in het volgende:

Old wooden traditional Chinese house, Jianshui, Yunnan, China.

.

Als jong kind voelde ik diep van binnen dat de woorden die gebruikt werden om ‘de weg terug naar God’ (zoals ik dat toen noemde) te duiden niet konden kloppen; omdat er een door mensen gecreëerd beeld van die weg geschapen was waarin ik overal hoorde: ‘zo is het.’

En dat ‘zo is het’ stond, zo zag ik dat, tussen ‘God’ en de mensheid.

Ik ervoer dat menselijke beeld dat overal omheen en tussendoor werd geweven als ‘ruis’ en verwarrend; ik vond dat wij mensen niet kunnen weten wat ooit naamloos begon, was en is.

En steeds als ik heel dicht bij de kern dacht te komen van dat wat dat naamloze was en wat voor mij als heel wezenlijk aanvoelde, ontglipte het me.

 

DDJ-als-boekOp mijn 15e of 16e woonde ik een jeugd conferentieweek bij waarvan de eerste bijeenkomst begon met het voorlezen van vers 1 van de Daodejing.

Dat moment is een ‘netvliesherinnering’ die ik nooit meer kwijt ben geraakt. Een ’thuiskomst’ en een me realiseren waarom die kern me steeds ontglipte.

 

3c91ddThuisgekomen (in de meer gebruikelijke zin van het woord) trok ik de Tau Teh Tsjing (de hertaling van J.A. Blok) uit de boekenkast van mijn ouders, herlas vers 1 en weer ervoer ik:

Dat ongrijpbare, onnoembare, maar in mezelf zo heel wezenlijke punt waarop denken en niet denken, voelen en niet voelen, handelen en niet handelen elkaar raken in een – soms als kind al tastbare – oneindigheid, onbeweeglijkheid, waarin alles opgaat.

Een aanwezigheid in een tijdloos ruimteloos alleen maar Zijn.

Verder kwam ik niet. Heel lang niet. De aanwezigheid van dat ene vers was genoeg en bleef mijn leven lang met me meegaan.

Waarschijnlijk zocht ik niet verder uit een diep besef dat bij verder zoeken en bestuderen ervan ik die onaanraakbare, nabije en toch veraf zijnde kern zou willen gaan vastpakken en ervan verwijderd zou raken.

131Op speciaal vier regels uit dit eerste vers van de Daodejing, zou ik dieper in willen gaan:

 Durend begeerteloos

zien wij zijn in-wezen

Durend begerende

Zien wij zijn grens

 Iedere stap naar het Onnoembare. En als ik ze zou willen of kunnen pakken, zelfs maar zou kunnen citeren (maar ze ontglippen me ook als woorden voortdurend) dan zou ik ze van ademtocht tot ademtocht door me heen willen laten zingen. En als ik het woord ‘willen’ weg kan laten, dan is zingt Het, woordeloos.

DSC03138Wat is er nodig om in het niet-zijn te staan?

– Staan in het Zijn.

Een niet te benoemen stap naar een innerlijke vol-ledigheid; opgaan in dat wat, paradoxaal wellicht, alleen maar als niet-zijn te benoemen is.                            Wanneer ben je in het Zijn?                            In die fractie van seconde dat je wezen ervaart, voor je denkvermogen het zich toe-eigent, dat Zijn en niet-zijn hetzelfde, tijdloos, eeuwig zijn.            

 Zijn en niet-zijn, zijn één.

Marjet van Wijk

kom

 

Guido bracht een tweede reflectie in:

yinyang-vissenAlles retrogradeert

Van dood naar leven,             van zwak naar sterk.

Wat wordt geplunderd,     wordt geschonken.

Wat is afgewezen               wordt geprezen en bejubeld.

Hierin ligt de wijsheid van het leven omsloten.

Het zachte wekt de overwinnen het harde het verlies.

De vis dient uit het diepe wateren boven te komen.

De ‘stroom’ in het water zal via het hart de ziel voeden. Gelijkelijk de rivier in harmonie haar bedding hervindt. Wij als de rivier die de innerlijke aard van ons leven toont.

Guido

kom

Johan Cornelissen vertelt voornamelijk in beelden:

4 bomen

Gemaakt vanuit wu wei ; geen gedachten of gevoelens. Steeds volgens een vast patroon getekend: zoals het uitvoeren van de Tai Chi vorm die ik elke ochtend beoefen in het park.

aug'15

okt'15

nov'15 (002)                    dec'15

Deze bomen maakte ik in van aug ’15 – jan ‘16.          Johan Cornelissen

 

kom

Tot slot nog een “Theetje”:

Tao is             Tao is overal      Tao is er altijd geweest         Tao zal er altijd zijn

lucebertWant tijd is er voor mensen, niet voor Tao.

Wij zijn kruimels op de rok van het universum (Lucebert)

Die kruimels denken het hele universum en meer te begrijpen!

Hoe hautain, hoe dom

Wij gaan voorbij. Wij bestaan even als flits en op de rand van het universum.

Cees Schrama

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *