Uitgelicht bericht

AANHANGWAGEN

Tao wekt ze tot leven.
De Teh voedt ze.
Het vormt ze door diens substantie.
De omstandigheden brengen ze tot ontwikkeling.

                                                                        Daodejing 51

HART VAN GLASAls in een vloedgolf, zo onvoorstelbaar groot dat ons voorstellingsvermogen daarbij te kort schiet, worden de tienduizend dingen uit Tao tot leven gewekt.

Van Tao gaat een werking uit, de Teh. De Teh schenkt de tienduizend dingen alles wat zij nodig hebben, maar grijpt daarbij niet in.

 

In de loop van vele, zeer vele levens, heeft de mens zich ontwikkeld tot een zelfstandig individu met een eigen identiteit en een eigen bewustzijn. Hij kan op een punt komen dat hij zich bewust wordt dat zijn ego niet het hele verhaal is, maar dat hij deel uitmaakt van iets dat boven tijd en ruimte uitstijgt. Lao Zi noemt dit: Tao.

ai wei weiWij zijn als de bestuurders van een auto die een lange, zeer lange reis achter de rug heeft. De auto trekt een zware aanhangwagen met zich mee die tot de nok toe is gevuld met van alles en nog wat. Een auto die bezwijkt onder deze last zodat de bestuurder de wagen even tot stilstand heeft gebracht. Nu heeft hij tijd om zich af te vragen waar hij heen gaat, en of zijn wagen misschien niet onnodig zwaar belast is.

We denken doorgaans in termen van vooruitgang en om die te bereiken moeten we ons geweldig inspannen en zorgen dat we beter zijn dan een ander.

Lao Zi maakt in vers 40 van zijn Daodejing duidelijk dat dit met betrekking tot Tao precies andersom is:

Terugkeer is de beweging van Tao.
Zachtheid is de werking van Tao.
De dingen der wereld ontstaan uit zijn.
Zijn ontstaat uit niet-zijn.

 

human_energy_fields_by_drag_5Terugkeren tot Tao betekent dat je gebruik maakt van de mogelijkheid om je bewustzijn niet uitsluitend op jezelf te richten, maar dit tevens af te stemmen op Tao.

Dit is hard werken: wat sleep ik allemaal met me mee? Kan er misschien wat onnodige ballast uit de aanhangwagen verwijderd worden? Gedurende de reis door verschillende klimaten, culturen en landen heeft zich er van alles in verzameld: nuttige dingen en onnodige zaken.

Wie zich om wil keren om de weg tot in Tao de gaan, staat voor de vraag: wat heb ik nodig op deze reis en wat niet?

Lao Zi geeft ons in vers 19 de raad:

 

Toon eenvoud.
Omhels het ongekunstelde (Tao).
Beperk de zelfzucht.
Verminder de begeerten.

 

zelfkennisDit vraagt in meerder opzichten om zelfkennis:

Hoe zit ik in elkaar, wat zijn mijn sterke punten, welke zijn mijn zwakke?

Wat drijft me in het leven en waarom?

Daarnaast vraagt het ook om zelfkennis in spiritueel opzicht:

Wat drijft me om mezelf zo centraal te stellen? Doe ik dit alleen, of is dit algemeen menselijk?

Lao Zi zegt in vers 33:

Wie anderen kent, is intelligent.

auto

Met onze intelligentie nemen we de buitenwereld waar. Met ‘anderen’ kunnen zowel mensen bedoeld worden, maar het kan ook de tienduizend dingen slaan. 

De buitenwereld is vol van willen, emoties, gedachten en daaruit voortkomende handelingen.

Voor wie de weg tot Tao wil gaan is het uiterst belangrijk om daar inzicht in te hebben. Zoals het voor de bestuurder van belang is om de route en weersomstandigheden te kennen.

Wie zichzelf kent, is helder.

Wie zich omkeert, in de terugkerende stroom tot in Tao, maakt geleidelijk aan zijn hart leeg.

Leeg aan willen, leeg aan emoties, leeg aan gedachten, maar vooral leeg aan ego-gericht handelen.

Leeg worden aan zelfzucht vraagt om bezinning.

In het taoïsme wordt dit genoemd: het vasten van het hart. Anders gezegd: met respect afscheid nemen van alle teveel dat we in onze aanhangwagens met ons meeslepen.

golf in zeeHet gaat steeds om het minder worden van ons ego. Dit ervaren we vaak als verdrietig, maar het schenkt ons ook een ongekende vreugde omdat het ons vebindt met de mogelijkheden die het mens-zijn ons schenkt: te beseffen dat we zijn als een kleine golf in een grote terugkerende stroom tot in Tao.

Wie zich in ego-loos handelen tot Tao richt, kan dit echter alleen maar doen wanneer hij niets, maar dan ook helemaal niets verwacht.

Als je niet in jezelf vastzit dan openbaren de dingen zich vanzelf aan je.
Als ons hart beweegt is het als stromend water.
Door stil te zijn wordt het als een spiegel.
Het weerkaatst alles als een echo.
Eerst is alles chaotisch en onzichtbaar.
Dan komt de stilte en wordt alles helder.
Hij die zich hiermee verenigt, zal het behouden.
Maar wie het wil vasthouden, zal het verliezen.

 

Zhuangzi, hfs. 33

Uitgelicht bericht

Tao: the three treasures

TAO: ‘THE THREE TREASURES (HART VOOR TAO 73)

 

I have three treasures which I hold and keep.

The first treasure is called meek-heartedness (compassion).

The second treasure thrift (sobriety).

The third treasure is:  dare to be not the first (humility).

(Lao Zi, Daodejing 67)

The first treasure: meek-heartedness

HART VAN GLASIn the world of contradictions – our world – love can turn into its opposite. Human love is usually limited: what is known will be loved and the unknown is excluded. Love as we know it is also variable: something loved in a certain period of life, can be abhorred in another phase. The love of which Lao Tzu speaks is of a different nature: it is not bound by time and space and cannot turn into its opposite.

the Chinese character for ‘compassion’ is composed by 3 different characters:

on top the character for ‘grass’, ‘herb’. It also means: ‘fertile’.

幺幺

in the centre there is 2 times the character for  ‘tiny ’, or  ‘silkwurm  cocoon’, the repetition indicates its enormous importance

at the bottom we see the character for ‘heart’.

fractal-17--0001-The ongoing compassion is an activity called by Lao Tzu Teh, meaning that which from the very start of the microcosm is hidden in the heart as a cocoon. When a person on his path towards Tao makes room in his heart because he is in the state of Wu Wei, the silkworm cocoon unfolds a thin, strong thread of non-dualistic compassion that connects itself with the student. Through this compassion he is able to look with mildness and gentleness both upon himself as well as on his fellow man. He becomes aware of the fact that everything and everyone is in development and thereby suffers, makes mistakes, falls into the same patterns continuously, or runs into his limitations. It is because of this compassion, that he  judges less; he becomes more gentle. In the school of the Rosycross it is explained:

Meek-heartedness is the absolute courage, that does not want to force, and cannot force, by virtue of the inner state of the pupil. The bond with the Kingdom is the first pillar. Strength to accomplish the work is the second pillar. And now this twofold grace of God must be confirmed in nature with meek-heartedness, and with meekness the great victory must be accomplished.”

(J. v. Rijckenborgh, The Mysteries of the Beatitudes, Rosycross Press, Haarlem)

12717858_998490163573559_5323646733413731298_nThe permanent compassion that Teh radiates into the pupil, is a gentle power that works transforming within the pupil. It feeds him, so that he finds the courage to persevere in the Wu Wei, despite ever-present personal needs.

Naturally, he remains a human being, with all its limitations. He is a student, not a saint. This means that one moment he is able to live from this permanent, compassionate love, whilst at other times he is carried away by his seemingly legitimate needs and demands.

As is the case at every stage, this compassion can be imitated by the pupil: he really wants to do  ‘right’… This too is part of the process:  he starts by learning that the permanent love of Teh is totally objective, and that he must become so himself.  Because the three treasures of the workings of Tao are of a permanent nature, the sage may at any time return to it again.

“When someone, like a silent spectator, in self-surrender goes the path, he discovers that although he is in the inner being dissociated every second, the new life as it were radiates over him. It is not his, the new life is from the Other, but his own dialectical self melts entirely away in it. That is the doctrine of non-doing, that is the Way, the Path. That is Tao.”

(J. of Rijckenborgh, Chinese Gnosis, chapter 2)

TAO, DE EERSTE SCHAT: MEDEDOGEN (HART VOOR TAO, 73)

Ik heb altijd drie schatten:
Houd ze vast en bewaar ze.

                                                De eerste is mededogen;                                                       

                                                      Chris Nap

HART VAN GLASIn de wereld van de tegenstellingen kan liefde omslaan in haar tegendeel. Menselijke liefde is meestal begrensd: wat bekend is krijgt liefde, het onbekende wordt buitengesloten. Liefde zoals wij die kennen is ook veranderlijk: wat liefgehad wordt in een bepaalde periode van het leven, kan in een andere fase worden verafschuwd. De liefde waarover in Laozi 67 wordt gesproken, is van andere aard: zij is niet aan tijd en ruimte gebonden en kan niet in haar tegendeel omslaan.

Het karakter voor ‘mededogen’ bestaat uit drie andere karakters:

Bovenaan het karakter voor ‘gras’, ‘kruid’. Het betekent ook: vruchtbaar.

幺幺

In het midden staat twee maal het karakter voor ‘klein’, of ‘zijderupscocon’, de herhaling geeft het grote belang ervan aan.

Onderaan staat het karakter voor ‘hart’.

fractal-17--0001-Het permanente mededogen is een werkzaamheid van de Teh, die al vanaf het ontstaan van de microkosmos als een cocon in het hart verborgen ligt. 

Wanneer de leerling plaats vrijmaakt in zijn hart doordat hij zich in het wu wei bevindt, ontspint zich uit de zijderupscocon een dunne, sterke draad van non dualistisch mededogen die zich met de leerling verbindt. Door dit mededogen is de leerling in staat om met mildheid en zachtmoedigheid naar  zichzelf zowel als naar zijn medemensen te kijken. Hij wordt zich ervan bewust dat alles en iedereen in ontwikkeling is en daarbij lijdt, fouten maakt, in steeds dezelfde patronen vervalt, of tegen zijn beperkingen aanloopt. Het gevolg van dit mededogen is dat hij minder oordeelt; hij wordt zachtmoediger. In de school van het rozenkruis wordt hierover gezegd:

Zachtmoedigheid is de absolute moed, die niet forceren wil en niet forceren kan, krachtens de innerlijke staat van de leerling. Binding met het Koninkrijk is de eerste zuil. Kracht om het werk te volbrengen is de tweede zuil.

En nu moet deze tweevoudige genade gods met zachtmoedigheid in de natuur worden bevestigd, en met zachtmoedigheid moet de grote overwinning worden behaald.

(J. van Rijckenborgh, Het mysterie der zaligsprekingen, zachtmoedigheid, Rozekruispers, Haarlem, 1958)

12717858_998490163573559_5323646733413731298_nHet permanente mededogen dat de Teh in de leerling uitstraalt, is een zachte kracht die transformerend in de leerling werkt. Zij voedt hem, zodat hij de moed vindt om in het wu-wei te volharden, ondanks de altijd aanwezig blijvende persoonlijke behoeften.

Vanzelfsprekend blijft hij mens, met al zijn beperkingen. Hij is leerling, geen heilige. Dit houdt in dat hij het ene moment in staat is om vanuit deze permanente, meedogende liefde te leven, terwijl hij op een ander moment meegesleept wordt door zijn legitiem lijkende wensen en behoeften. Zoals dat in iedere fase het geval is, kan ook het mededogen geïmiteerd worden door de leerling, hij wil het zo graag ‘goed’ doen… Ook dit maakt deel uit van het proces: de wijze is op weg te leren dat de permanente liefde van de Teh volkomen belangeloos is.

Omdat de drie kostbaarheden van permanente aard zijn, werkingen van Tao, kan de wijze er op ieder moment weer naar terugkeren.

Wanneer iemand, als een stille schouwer, in zelfovergave het pad gaat, komt hij tot de ontdekking dat, hoewel hij zich in het innerlijke wezen iedere seconde distantieert, het nieuwe leven hem als het ware overstraalt. Het is niet van hem, het nieuwe leven is van de Ander, maar het eigen dialectische zelf smelt daarin geheel en al weg.  Dat nu is de leer van het niet- doen. Dat is de Weg, het Pad, Dat is Tao.

 (J. van Rijckenborgh en Catharose de Petri,Chinese gnosis, hfst. 2, Rozekruispers, Haarlem, 1987)

Uitgelicht bericht

The three timeless treasures

The three timeless treasures

attract-wealth

In the process of self-surrender the self is capitulated, gets lesser; in its place the pupil receives a ‘gift’: the love power of Teh is given to him. This power reveals itself within him as three precious treasures, which are characterized by Lao Zi (67) as follows:

 

I have three most valuable things
which I hold and treasure:
The first is mercy;
The second is thrift;
The third is unwillingness to take the lead in the world

(Gu Zhengkun)

The character that is used for ‘treasures’ shows clearly that no ordinary treasures are concerned: the character for treasures 寶  bao, is composed by four other characters: on top: the character for ‘roof: ’宀 mian, underneath mian there are two smaller characters, at the left: the character for ‘king’ and for ‘jade’: 玉 yù, at the right side: the character for pots: 缶 fou, at the bottom there is the character for shell: 貝: bei

devine_cosmos

Read as a whole this character shows that royal treasures of great value (jade) are concerned, which are very well kept and stored (in pots) and are waiting in a shell like oysters until they can be revealed. Until that time the treasure remains safely ‘roofed’.

 

 

Three times the characters refers to something safely stowed away: roof, pot, shell. Each time when Lao Tzu repeats some words in a verse three times, he therewith refers to Tao. Thus it becomes clear that with those three treasures not any common human qualities are meant, but  that he refers to expressions of Tao in matter.  There is a certain version of the Laozi in which we can read: “I have three permanent treasures that I cherish and keep”; in this verse ‘permanent’ refers to the everlasting, to Tao.

kundalinilove-3.large

A human being becomes compassionate, sober or humble as a consequence of the three treasures as mentioned in verse 67 of Lao Tzu. Those are the effects of Teh which express themselves in matter throughout the sage. When the pupil in Tao is in Wu Wei, the three timeless treasures become active within him. They are the three timeless, omnipresent values which support him when going the path. That is why he holds and keeps them.

 

The three treasures are never just limited to the servant of Tao, but resonate in everything that exists, just as a vibrating piano string is resounding in the same tone of a different octave. They are revealed when a person, through practicing Wu Wei, does not place himself in the light. About this Lao Zi says in Daodejing chapter 22:

Thus the sage adheres to this One principle (Tao)
And regards it as the pattern of all things.
Show off yourself not and you become conspicuous;
Regard yourself not as infallible and you become illustrious;
Brag about yourself not and you gain achievement;
Boast of yourself not and you become a head.
One does not contend with others,
So nobody in the world can win him in contention.
The ancients’ saying “Bow down and you are preserved”
Is surely not an empty saying,
Which can be really proved effective.

                                                                  Gu Zhengkun

T

Uitgelicht bericht

TWO NATURES

wing4webThe forms of the great the Teh (virtue)
exclusively depend on the Tao.
The Tao as a thing
Is vague and indefinite.
Vague and indefinite,
It presents images;
Indefinite and vague,
It embodies substance.
Distant and dark,
it embraces semen-like essence.
The essence is a genuine existence
that can be tested as true.
From ancient times to now,
its name has always been accepted,
and with which, the beginning of all things can be surveyed.
How do I know the initial state of all things?
By means of the Tao.

                                                                  Gu Zhengkun

hqdefault

Hidden deep in our heart, a reflection of Tao is resting. From this Tao, a power emanates, a radiation, which is called Teh.  Teh is de timeless energy of Tao, active in the world of temporality.

This power does not exclude anything or anyone; it is as an altruistic love which empowers the entire existence.

For us, Tao always remains a hidden secret, but Tao’s radiation can be experienced.

The forms of the great Teh (virtue)
exclusively depend on Tao.

                                                                  Gu Zhengkun

2171e48507a85fece33afb0c93bc7316The relation between Tao and Teh could be compared to the sun and its radiation. They both are inseparably connected to one another: without the sun there is no radiation. The sun is so hot that no human life could be possible on it, but its radiation is pleasant for us. Its light and energy enable life on earth.

Teh is sometimes also translated as ‘virtue’. However, what is meant then is not some kind of human virtue, but it is referring to the fact that the love-energy of Tao spreads is virtue within us.

Teh is a spiritual power of a very special nature: it is not polarised and can therefore never turn into its opposite.

ballastThe spark in our heart, the reflection of Tao, is similarly timeless. That is why it is said that in our heart the original, timeless nature is resting.

Yet we are not always aware of that, because most of the time we are directed towards ‘the ten thousand things’.

However, if we direct ourselves to the timeless centre in our heart, then we catch a glimpse of the great Mystery.

In his first verse Lao Tzu makes this clear:

The nameless is the beginning of heaven and Earth.
The named is the mother of the ten thousand things.
Ever desire less, one can see the mystery.
Ever desiring, one sees the manifestations
.

Feng

imagesWe give names to things in order to be able to differentiate them from other things. We experience things within time as ‘before’ and ‘after’, and within space as ‘here’ and ‘there’, because we are living in a dualistic world. We also distinguish things in a moral sense: some things we regard as good, other things as bad.

However, each and all of the ten thousand things are polarised. Everything has its reverse: yin changes into yang and yang into yin. Nothing is of an absolute, unchangeable value.

We might think now: I have understood, so there are two natures: one of Tao, the timeless unity, and the other one is our temporal and dualistic world.

Then you would have considered well – seen from our dualistic perspective…..

schaalHowever, seen from the viewpoint of complete unity, there is only one – timeless! – nature: Tao. Within Tao all other worlds exist, each one with its own temporary nature. Equal to a nest of bowls: if you look at it at eye level, you just see but one big bowl.

schalenBut if you look at them from above, then you see that smaller bowls are secluded within that large bowl.

The bowls are of the same basic shape, but they differ in size. Each one of them can also have its very specific contents and characteristics. Each bowl has its own function within the grand total.

However, Tao is not one of the bowls; it is also not outside or inside, for Tao has no form and is not bound to time and space.

Tao ís. Yet, Tao is present within all these bowls and within them Teh is thoroughly active. For us this is a mystery.

Just because we are human beings from this temporary world, we don’t have the ability to imagine timelessness.  Zhuang Zi explains this in images:

frog

 

Ruo, (the Spirit-lord) of the Northern Sea, said: “A frog in a well cannot be talked with about the sea – he is confined to the limits of his hole. An insect of the summer cannot be talked with about ice – it knows nothing beyond its own season.”

 Zhuang Zi, Chapter, 17: The Floods of Autumn, translation: Chinese Text Project

DSC02756We human beings are able to become aware of the fact that we are living in a world of space and time, and at the same time that we are part of timelessness. In this respect it is of essential importance to what aspect we focus our attention.

If it is directed towards our own being and to the ten thousand things, then we are actively concerned with these aspects. A lot of things are there to be lived through, to develop and to obtain, so there is also a lot to long for and desire. All of this spreads as it were a great deal of veils over the timeless centre of our heart. Then the ten thousand things are experienced as self-contained appearances that are not connected to Tao.

 

But if we direct our self to the timeless centre of the heart in non-doing, in Wu Wei, in non-egoistic activity, then the veils will vanish one by one. Gradually we become conscious of the existence of the essence of the hidden light. This makes us quiet, desire-less and simple.

About this Zhuang Zi says:

image_taoisme“As to what the common people now do, and what they find their enjoyment in, I do not know whether the enjoyment be really enjoyment or really not. I see them in their pursuit of it following after all their aims as if with the determination of death, and as if they could not stop in their course; but what they call enjoyment would not be so to me, while yet I do not say that there is no enjoyment in it. Is there indeed such enjoyment, or is there not? I consider doing nothing (to obtain it) to be the great enjoyment, while ordinarily people consider it to be a great evil. Hence it is said, ‘Perfect enjoyment is to be without enjoyment; the highest praise is to be without praise.”

Heaven does nothing, and thence comes its serenity; earth does nothing, and thence comes its rest. By the union of these two inactivities, all things are produced. How vast and imperceptible is the process!– they seem to come from nowhere! How imperceptible and vast!– there is no visible image of it! All things in all their variety grow from this Inaction. Hence it is said, ‘Heaven and Earth do nothing, and yet there is nothing that they do not do. But what man is there that can attain to this inaction? (Wu Wei)

Zhuang Zi, chapter 18: Perfect Enjoyment, translation: Chinese Text Project

 

Uitgelicht bericht

Daodejing twee

optisch bedrog

Wie in de spiegel kijkt ziet een reflectie van zichzelf, alsof er twee personen zijn; beide lijken reëel te zijn. Wenden we ons van de spiegel af dan zien we dat er slechts één persoon is.

Zo leven we in een wereld van tegengestelden, de dualiteit, terwijl daar dwars doorheen zich het Ene zonder twee manifesteert.

Maar waarom zijn we ons daar niet van bewust?

 

7-april-2015-1024x768Alle grote non-duale wijsheidstradities hebben een betrekkelijk gelijkluidend antwoord gegeven op deze vraag: dit is omdat wij mensen onszelf ervaren alsof we afgescheiden zijn van alles om ons heen. Einstein noemde dit een soort optisch bedrog van ons bewustzijn.

Het wordt ook wel een vernauwing van ons bewustzijn genoemd. Dat maakt dat we niet open staan voor het Grote Ene, voor het tijdloos mysterie; het bewustzijn is gericht op de wereld van de dualiteit.

In het begin van het tweede vers van de Daodejing wordt deze wereld duidelijk omschreven:

Erkent iedereen ter wereld de schoonheid van het schone,

dan bestaat ook het lelijke.

Erkent iedereen ter wereld de goedheid van het goede,

dan bestaat ook het slechte.

Zo roepen bestaan en niet-bestaan elkaar op;

moeilijk en gemakkelijk ontwikkelen elkaar;

lang en kort vormen elkaar;

hoog en laag berusten op elkaar,

de stem voegt zich naar de toon;

na volgt vóór.

Drie logos 1We kunnen alleen van iets bewust worden doordat we het kunnen vergelijken met iets dat totaal anders is. Zou er bijvoorbeeld alleen maar dag zijn, we zouden geen weet hebben van het bestaan van de nacht.

Lao Zi maakt ons duidelijk dat binnen de dualiteit niets blijft zoals het is doordat alles in zijn tegendeel verandert. Zonder de termen te noemen heeft hij het over het yin en het yang die constant in elkaar overgaan. Beide hebben verschillende kwaliteiten, maar zijn gelijk in waarde.

Lao Zi spreekt dan ook geen waardeoordeel over al die verschillen uit, hij benoemt ze slechts.

In de volgende regels van dit vers trekt hij een verrassende conclusie:

Daarom woont de wijze in niet-doen [wu wei]

en geeft hij woordloos onderricht.

Vertaling: Bartho Kriek

taoist-yinyang-sage_384x5381

 

Opvallend is het woord ‘daarom’. Dus omdat de wijze zich zo helder bewust is van het relatieve van de duale wereld woont hij in wu wei: Zijn bewustzijn is niet op zichzelf gericht, hij ziet de onderlinge verschillen duidelijk, maar vereenzelvigt zich met geen enkel aspect van de dualiteit. Het bewustzijn van de wijze is open, zonder oordeel over wat hij waarneemt. Zo ontstaat in hem bewustzijn van het bestaan van het Ene.

Hij leeft als het ware tegelijkertijd in twee werelden. In de wereld van de tweeheid maakt hij keuzes, dat kan niet anders, maar hij beseft hun relatieve waarde en strijdt niet vóór het een en daardoor tegen het ander.

Dit betekent niet dat hij er dan maar de boel de boel laat vanuit de veronderstelling dat het allemaal niets uitmaakt. Integendeel. Omdat hij niet op zijn eigenbelang is gericht leeft hij heel bewust en brengt niet meer schade toe aan mens, dier of milieu dan noodzakelijk is.

Terwijl hij midden in de duale wereld leeft en werkt  – en zich met alles en iedereen verbonden weet – stelt hij zich volkomen open voor het Ene dat zonder ‘twee’ is.

Zhuang Zi zegt over zo’n wijze:

Hij was één met wat hij prettig vond, en ook één met wat hij niet prettig vond.

Met zijn één-zijn was hij een, en mijn zijn niet een-zijn was hij ook een.

In zijn een-zijn was hij de metgezel de hemels, in zijn niet een-zijn was hij de metgezel van de mens.

(Zhuang Zi, hoofdstuk 6 / I Vertaling Kristofer Schipper)

eenzaamWij ‘gewone mensen’ kunnen van de wijze leren. We zijn nog volop bezig om ons ervan bewust te worden hoezeer we onszelf als afgescheiden van anderen ervaren. Het paradoxale is dat daar ook geldige argumenten voor zijn: wie pijn heeft voelt dat zelf en niet iemand anders.

Toch zijn we als individu niet alleen met elkaar verbonden, maar tegelijkertijd opgenomen in dat wat zonder tijd is, waar geen ruimte is, dat nooit ontstaan is en nimmer zal verdwijnen – het

Het punt is dat we door onze gerichtheid op onszelf we ons alleen bewust zijn van de dualiteit. We verdelen alles in tegengestelden waarvan we het ene deel aanvaarden en het andere afwijzen.

begrenzingDit kan heel ver gaan: dan trekken we onbewust een grens tussen ‘ik’ het tijdloze in en om ons. Hierdoor wordt Tao niet ervaren als alomtegenwoordig en altijdtegenwoordig, maar als iets dat buiten ons staat. Daarmee hebben we onbewust Tao tot onderdeel van de dualiteit gemaakt.

Dat heeft geen invloed op Tao – die is immers alomtegenwoordig en heeft alle ruimte in zich voor welke mening dan ook – maar het doet iets met onszelf: het bewustzijn wordt nog sterker op de dualiteit gefocust. Omdat het dan niet meer ruim is en open, ervaren we de dualiteit als de enige werkelijkheid.

Wij staan zelf tussen het ultieme Ene – zonder twee – in.

Anders gezegd: als we onszelf aannemen als zijnde een afzonderlijk individu, verwerpen we onbewust Tao die al die tijd al in ons is.

0f816560667Ik ben dus het probleem!

Daarom zeggen alle grote wijsheidstradities dat we onszelf los moeten laten.

Vreemd genoeg ‘vinden’ we dan onmiddellijk de Teh.

Anders gezegd: wanneer ik ophoud met mezelf als een afzonderlijk, scherp begrensd wezen te zien dan houdt de dualiteit voor mijn bewustzijn onmiddellijk op te bestaan, er is dan alleen nog de onmiskenbare ervaring van de verbondenheid met het Ene die ‘leeg’ is aan dualiteit.

Zodra ik me hier echter voor in ga spannen, sta ik weer voor de spiegel en zie ik alleen weer de twee, en niet het alomvattende Ene.

Lao Zi geeft ons mensen duidelijkheid wat we moeten doen om onszelf los te laten.         Hierover meer op zaterdag 25 juni.

 

 


Uitgelicht bericht

TAO

symposion bundel

De wijsheid  van het grondeloze  Tao

Inleiding door  Yolanda Eikema

 

 

 

 

 

Tao 10Kon Tao gezegd worden, 

het zou de eeuwige Tao niet zijn.

Kon de naam genoemd worden,

 het zou de eeuwige naam niet zijn.

ln niet-zijn kan het (Tao) worden aangeduid

als de grond der alopenbaring.

Als zijn is het de moeder aller dingen.

Daarom, als het hart voordurend niet-is,

dat is: vrij van alle aardse gerichtheid en begeerten – kan men het mysterie aanschouwen van Tao’s spirituele essence.

Als het hart voortdurend is, vol van begeerten en aardse gerichtheid –

kan kan men alleen begrensde, eindige vormen zien.

Beide, zijn en niet-zijn, komen uit dezelfde bron voort,

doch zij hebben verschillende werkingen en doeleinden.

Beide zijn vol van mysterie en dit mysterie is de poort des levens.

 

cirkel 7In dit vervolg laat Lao Zi als het ware weten dat Tao, hoewel het niet gezegd kan worden, het niet materieel kan worden voorgesteld of overgedragen,  wel aanwezig is.

Het is zowel in de wereld van het zijn, de wereld van de tien- duizend  dingen,  het zijnde in de vorm, als in de wereld  van het niet-zijn,  de niet in de stof geopenbaarde  werkelijkheid, het zijnde zonder vorm. Tao wordt door de Chinese auteur voorgesteld  als kosmische  draaggolf  van de al-openbaring  en als moeder aller dingen. Hij stelt dat het van de kwaliteit van ons hart afhangt of we dit mysterie, dat aanwezig is in het zijn en het niet-zijn, ervaren.

alchemieDit geeft perspectief.  Er is dus een brug, een verbinding  met Tao. Het kan gekend en ervaren worden.

Binnen  de Stichting  Rozenkruis  erkennen  we dat de mens in essentie een spiritueel wezen is, dat zich op dit moment openbaart in een tijdruimtelijke  werkelijkheid.  Krachtens haar spirituele essentie is de materiële wereld voor de mens echter geen bestemming. Door alle tijden heen is er sprake van de manifestatie van de spirituele essentie die zich – aangepast aan de cultuur – openbaart. In alle grote cultuurperioden  heeft deze impuls tot geestelijk ontwaken een eigen kleur en naam gekregen.

Drie logos 1

Wanneer de spirituele essentie in een mens gaat spreken en hij eruit gaat leven, overstijgt hij al zijn beperkingen.  Hij komt  vrij van alle banden  die hem eerder  hebben  omkneld, zoals die van familie, ras en ideologie. Zo iemand is werkelijk een wereldburger geworden, een universele mens, omdat hij uit universele waarden leeft en is. De nieuw-ontwaakte  mens is vrij van conditionering en herkent gelijkgestemden aan hun uitstraling en de innerlijke taal die zij spreken. In deze context is het vermogen om over de grenzen van de eigen conditionering heen te kijken en de universele waarden in andere wijsheidsleren te herkennen van bevrijdende betekenis.

oupworm

 

Het Taoïsme is voor ons westerlingen wonderlijk, vreemd en intrigerend. Het onttrekt zich aan ons (westerse) begripsvermogen, het analytische, logische denken. Velen worden getroffen juist  door  die totaal  andere  benadering  en biedt  het een nieuw perspectief nu het westerse, personalistische  godsbeeld voor hen in duigen is gevallen.

Binnen het Taoïsme worden we geconfronteerd met het begrip Tao. In onze westerse terminologie is daar moeilijk een equivalent voor te vinden. Misschien moeten we dat ook maar niet proberen en Lao Zi zelf aan het woord laten.

Deze noemde Tao in hoofdstuk 14 van zijn werk, een ‘het’:

02-eliasson-beauty-2Kijk naar Tao en ge ziet het niet;

men noemt het kleurloos.

Luister naar Tao en ge hoort het niet;men noemt het geluidloos.

Tast naar Tao en ge raakt het niet aan;

men noemt het onstoffelijk.

Woorden ontbreken om deze drievoudige onbepaaldheid te kenschetsen.

Daarom smelten ze samen tot één.

Taos boven is niet in het licht,

zijn onder is niet in het duister.

Tao is eeuwig en kan niet met een naam genoemd worden;

Het keert immer terug tot het niet-zijn.

Ge nadert Tao en ge ziet niet zijn begin.

Ge volgt het en ge ziet niet zijn einde.

Ge moet het Tao van de oudheid doorgronden  

om over het bestaan van het heden te kunnen regeren.

Wie het begin weet van het oorspronkelijke,

heeft de draad van Tao in handen.

 

 

 

 

Uitgelicht bericht

Innerlijke alchemie

symposion bundel

De wijsheid van het grondeloze TAO

‘Leven wat niet gezegd kan worden’.

Dit boekje is weer verkrijgbaar! Kosten: € 15

Te bestellen via: http://www.rozekruispers.com/

Het bevat de teksten zoals die werden uitgesproken op een symposion met dezelfde titel door onder andere: Dianne Sommers, Dan Vercammen en Elly Nooyen. De komende weken vind je op deze plaats  enkele gedeelten hieruit.

Deze week enkele gedeelten uit de lezing van Dan Vercammen. De volledige tekst vind je in genoemde bundel.

22De Chinese alchemie is bedoeld om een inwendig proces te begeleiden van tansformatieve bevrijding. Bevrijding van de grenzen van het menselijk bestaan en het ontstijgen aan de begrenzing van het menselijk leven. Deze praktijk bestaat nog steeds en wordt nog steeds beoefend.

Je zou kunnen zeggen dat een innerlijke alchemist op zoek is naar zichzelf, maar dan op een wat vreemde manier: namelijk door zichzelf te verliezen. Eén van de benamingen die je aan een alchemist kunt geven is zhen ren, letterlijk een reëel mens, een echt mens of een authentiek mens. En die authentieke mens, die kun je worden door een aantal dingen kwijt te raken.

5Zaken die je geleerd hebt, die je aangeleerd hebt, die je jezelf aangemeten hebt, waarmee je bezig  bent in het algemene dagelijkse bestaan, die moet je eigenlijk kwijtraken. De praktijk om dat te doen heet wu wei wat een zich ontdoen-van betreft. Het is de praktijk die moet leiden tot het terugvinden van wat de Chinezen zi ran noemen, een spontaan, uit zichzelf-zo-zijn. Je eigen natuur terugvinden, tegelijkertijd in overeenstemming met de grote natuur en hoe de grote natuur feitelijk is. En uiteindelijk gaat het dan om een soort van eenmakingsproces, een hereniging met alles.

yinyang tantienDat noemt men in het Chinees yi, één maken, verenigen, herenigen. Een praktijk die je terugbrengt naar een meer oorspronkelijke toestand, naar een eerste toestand, een yuan of primaire toestand. Uiteindelijk brengt je dat dichtbij Tao, bij de weg, het pad, of hoe men dat ook aanduidt. De weg daarheen is een weg van verlies, hetgeen wil zeggen: je moet eigenlijk jezelf verliezen, je moet ook de grenzen van jezelf met de rest verliezen, om uiteindelijk in die vereniging, hereniging, terecht te komen. De praktijk van die hereniging met Tao gebeurt vooral door wat de Chinezen qi noemen, vitale ademkracht

event20161In de Chinese alchemistische praktijk wordt dat proces vaak in beeldspraak vergeleken met een soort zwangerschap, en die vrucht moet groeien. Wanneer het kindje geboren is volgt er lactatie, voeding. Dat heeft zijn tijd nodig voordat je van een volledig en authentiek mens kunt spreken. Nog een ander beeld is dat de alchemist dood moet gaan, dat wil wel zeggen dat het oude moet sterven en het nieuwe zijn loop begint. In de Daodejing lezen we namelijk dat via een terugkeer naar de wortel, je je leven zult hernieuwen. En dat is het dus ook, het is ook een terugkeer.

Dat terugkeren is de omgekeerde weg. de alchemisten zeggen dat zij ten opzichte van de gewone mens omgekeerd bewegen. Er is een zegswijze in het Chinees die zegt: ‘Als je met de gewone weg meegaat, dan ga je mensen maken. Als je omgekeerd de weg volgt, dan wordt je een onsterfelijke’.

kundalini torusDe alchemistische praktijk is een individuele; het is iets dat je moet doen, zelf, in je eigen lichaam. Anderzijds, en dat is belangrijk om te onderstrepen, is het geen egocentrische praktijk. Integendeel, de alchemist handelt om te integreren in het grote geheel, niet om zich daarvan af te zonderen of om zich als speciaal voor te doen. het beoefenen van de praktijk brengt voordeel voor de grote wereld, voor de grote kosmos.

De kleine microkosmos en de grote microkosmos zijn in het lichaam van de taoïstische alchemist verenigd. Bijgevolg is wat de alchemist doet van directe invloed op het grote, zoals het grote een invloed heeft, niet alleen op de alchemist, maar op alle mensen.

yy water en vuur 2Het is ook een praktijk die op het innerlijk betrekking heeft. Zij brengt de innerlijke kracht voort die uitstraalt, de de [Teh]. deze kracht heeft een invloed op de buitenwereld.

Het lichaam is het alchemisch laboratorium van de alchemist. Hij werkt aan zijn persoonlijkheid, wat leidt tot veranderingen in hoe je denkt, hoe je voelt, wat voor soort emoties te hebt, hoe die zich uiten, wat daar allemaal mee kan gebeuren, en vooral ook hoe je bewustzijn verandert.

Vervolgens beschrijft Dan Vercammen de belangrijkste aspecten van de innerlijke alchemie,. deze gaan te ver  om in dit korte bestek te noemen. Hij eindigt zijn lezing met:

 1

Ik sta hier tegen een achtergrond van kraanvogels.

Wel, het uiteindelijke beeld is dat wanneer de alchemist door transformatie bevrijd is, hij in staat is ‘te rijden op wolken’ en zich te verheffen op de vleugels van kraanvogels. 

 

Uitgelicht bericht

DE WIJSHEID VAN HET GRONDELOZE TAO

symposion bundel

De wijsheid van het grondeloze TAO

‘Leven wat niet gezegd kan worden’.

Dit boekje was uitverkocht maar is momenteel weer verkrijgbaar!  Kosten: € 15    te bestellen via: http://www.rozekruispers.com/

Het bevat de teksten zoals die werden uitgesproken op een symposion met dezelfde titel door onder andere: Dianne Sommers, Dan Vercammen en Elly Nooyen.

De komende weken worden op deze plaats enkele gedeelten uit deze bundel geplaatst. Te beginnen met delen uit de toespraak van drs. Dianne Sommers. 

Zij baseert zich op een klassieke Chinese tekst uit rond 350 v. Chr. de Ney Ye (of innerlijke werk) genaamd. De Ney Ye  werd geschreven in een tijd waarin vele staten tegelijkertijd in oorlog waren.

de-blauwe-marmeren-textuur-van-het-punt-van-het-kristal-thumb5985882De vraag die filosofen en de denkers van die tijd (350 v. Chr.) zich stelden was: hoe kunnen we deze tijd overbruggen, hoe moeten we leven in deze tijd? Het is een periode waarin een ander geluid ontstaat en nieuwe perspectieven zich ontwikkelen. Naast de geluiden van nog meer wapens, nog meer oorlog, nog meer onderlinge strijd, ontstaat er een zoeken naar een andere weg, naar een innerlijke weg die op een andere manier de mogelijkheid biedt om grip te krijgen op het leven.

De Nei Ye vertelt over een innerlijke route, waardoor we als mens beter om kunnen gaan met allerlei zaken waar je mee geconfronteerd wordt.

3De Ney Ye  zegt niet: je kunt de geest beïnvloeden door iets buiten jezelf, nee, je kunt die geest uitnodigen om meer naar jezelf toe te komen. je kunt die geest naar binnen halen. Op een moment dat jij je op een bepaalde manier gedraagt, op het moment dat je je op een bepaalde manier opstelt, kun je die geest uitnodigen om bij jou te verblijven, om dieper in jou door te dringen. Dat kun je doen door innerlijk werk, door te zorgen dat die geest ook daadwerkelijk bij jou wil zijn. De eerste regels van de Nei Ye luiden:

Door de essentie (of oerkracht) worden alle dingen geschapen.

Hier beneden de vijf granen.

Daarboven het uitspansel van sterren,

zich bewegend tussen hemel en aarde,

noemen wij haar schim of geest.

Maar wie het opslaat in zijn borst,

noemen wij een heilige.

23

Iemand die dat geestelijk aspect naar binnen kan halen, die noemen we een heilige. Deze persoon (of beter gezegd: diens vitale energie of essentie) kent een aantal karakteristieken en kenmerken die – net zoals we bij Dao zien – niet altijd vastgepind kunnen worden, maar juist grote diversiteit vertonen.

 

 

 

Daarom is deze vitale energie helder!

Als stond zij hoog aan de hemel.

Donker!

Als was zij verzonken in een poel.

Uitgestrekt!

Als vulde zij een oceaan.

Ongenaakbaar!

Als bevond zij zich hoog op een berg.

De term Kracht (Teh) is een belangrijke term, die we ook tegenkomen in de boektitel Dao De Jing. Dus met de Kracht kun je de vitale energie rust geven.

Met je stem kun je haar niet roepen,

maar met je gewaarzijn kun je haar verwelkomen.

Houdt haar respectvol vast zodat je haar niet kwijtraakt.

Dit noemen we: de Kracht (of Teh) vervolmaken.

Forceren is onmogelijk, je kunt haar niet dwingen, maar je kunt haar met de Kracht rust geven.

De Teh, of Kracht, is hetgeen iets tot stand brengt. Het is de uiterlijke manifestatie van Dao, de manier waarop Dao (of Tao) zich kan tonen in een innerlijke natuur, die zichzelf daarin naar voren brengt.

steef5Het tweede aspect dat in die zinsnede naar voren komt is:

Met je stem kun je naar niet roepen.’

Met andere woorden, je kunt haar niet bevelen, je kunt haar niet zeggen: kom eens hier, ik wil je hebben.

‘Maar met je gewaarzijn kun je haar verwelkomen.’

Gewaarzijn is datgene wat je de aandacht geeft, wat je denkkader bepaalt, wat je intentie bepaalt, wat je wens is, wat je idee is omtrent iets of datgene wat een bepaald spoor of een bepaalde hint geeft in één of andere richting. En met dat gewaarzijn kun je die specifieke Kracht verwelkomen, wat een cruciaal aspect vormt in de Nei Ye.

De Nei Ye legt uit dat ons hart de plaats is waar we de geest (de krachtbron die we in het universum kunnen herkennen, de alomtegenwoordige geest), huisvesting kunnen bieden. Hier vindt de geest daadwerkelijk zijn onderdak.

Er is van nature geest in ons.

Hij gaat en komt.

We mogen er niet van uitgaan dat de geest per definitie zomaar permanent bij ons zal verblijven.

Niemand is in staat dit geheel te bevatten.

Verlies hem en er zal zeker wanorde ontstaan.

Vat hem en er zal zeker orde ontstaan.

11

 

De Ney Ye brengt naar voren: start aan de binnenkant, begin bij jezelf, want op het moment dat het bij jezelf in orde is, zal de uitstraling hiervan verder de wereld in gaan en zal ook de rest van de wereld op orde komen.

De microkosmos is daarin verantwoordelijk voor datgene wat in de macrokosmos tot stand komt.

 

download (1)De interactie tussen beide is een dynamisch systeem. Ze beïnvloeden elkaar wederzijds. We hebben hier met een aantal vragen te maken zoals: wat mag er nu binnenkomen van die buitenwereld, wat kan er allemaal binnenkomen en wat kunnen we überhaupt buiten houden? Wat bepaalt de grenzen en in hoeverre zijn er ‘grensconflicten’?

wijze 1De oplossing die de Nei Ye biedt, is ‘om jezelf te modelleren naar de hogere orde’. Deze wordt omschreven als de hemel, het ene vinden, of als de Dao. Door het juiste pad te gaan kunnen we verlichting vinden. Dit omdat die Dao feitelijk een weerspiegeling vormt van die hogere orde.

De Nei Ye vertelt ons hoe we de essentie van de eigen natuur kunnen vinden, legt de nadruk op het belang om die eigen natuur te volgen en hoe we daarin de middenweg vast kunnen houden. Om te zorgen dat je eigen hart op orde is, om te zorgen dat de geest, die daar buiten is, ook bij jou wil verblijven. Dan zal onvermijdelijk de Kracht versterkt worden, jouw Teh naar buiten komen. Zoals de Ney Ye zegt:

Als het hart op orde is, zal alles onder de hemel luisteren.

symposion bundel

Tot zo ver de samenvatting van de lezing van Dianne Sommers zoals opgenomen in de bundel:

De Wijsheid van het grondeloze Tao.

De samenvatting van  de tekst van prof. dr. Dan Vercammen volgt op vrijdag 6 mei a.s.

 

 

sommers

 

De complete tekst van de Ney Ye is te vinden in het boek van Dianne Sommers:  ‘De Chinese fascinatie voor de geest’

te bestellen via:/www.rozekruispers.com  kosten: € 42,00

 

Uitgelicht bericht

Aannemen en verwerpen

mist-2Wie op een hoge berg staat beziet de wereld vanuit een totaal ander perspectief dan wanneer hij op de grond staat; het is boven weidser, luchtiger, ruimer, terwijl het rumoer van het dagelijks leven letterlijk en figuurlijk ver weg is.

Door de eeuwen heen zijn de getuigenissen van hen die de spirituele berg beklommen eensluidend: men ervaart zich opgenomen in een eenheid die niet in woorden uit te drukken is. Er is geen besef meer van tijd en ruimte of van afgescheiden zijn die zo kenmerkend zijn voor de wereld van de dualiteit. Tijdens het afdalen van de berg verdwijnt de beleving van deze absolute eenheid. Toch is door het weidse perspectief zijn blik op de wereld beneden veranderd.

Zhuang Zi, de Chinese wijze uit de derde eeuw voor onze jaartelling getuigt hiervan in de volgende woorden:

Wat is waardevol?

Wat is minderwaardig? 

Ze wisselen elkaar af.

dualiteit 1Alles in onze wereld verandert voortdurend: snel of supersnel, dan wel langzaam of zeer traag. Wij mensen hebben hier moeite mee en zouden het liefst willen dat alles blijft zoals het was, tenminste: de leuke dingen; de akelige mogen liefst voor altijd wegblijven. Het probleem is echter dat wat we aangenaam vinden per mens of situatie kan verschillen. Wie in de zomer naar het strand wil hoopt op zon, maar de boer wiens gewas verdort door te veel zon hoopt juist op regen.

Zhuang Zi getuigt van een opmerkelijke visie wanneer hij ons de volgende raad geeft:

Sluit alle tienduizend dingen in je hart,

toon geen voorkeur,

want ze zijn allemaal gelijk.

YY 11Deze uitspraak roept wellicht verzet in ons op want wie zal geen onderscheid maken tussen geboorte en dood, ziekte of gezondheid, arm en rijk, plezier of verdriet, enz.. De tienduizend dingen hebben met elkaar gemeen dat ze allemaal tijdelijk zijn omdat ze voortdurend in elkaars tegendeel veranderen. In zowel het Yin als het Yang ligt de kern van de ander verborgen. Hierdoor beweegt alles wat wij negatief noemen zich naar het positief en wat wij positief noemen verandert in negatief. Daarin zijn de tienduizend dingen allemaal gelijk.

 

18Ze zijn echter ook in een heel ander zin aan elkaar gelijk: het Yin en het Yang bewegen om een onbeweeglijk midden, in het Chinees ‘Yong’ genoemd. Het is een stil midden tussen de drukte van de tienduizend dingen. Het is daarvan de kern; als een vonk van het alomtegenwoordige Tao.

Dit midden is ook in ons, in ons hart.

Toch ervaren wij deze vonk van Tao doorgaans niet; we zijn beneden in het dal vaak maar al te druk met de dagelijkse dingen en vergeten hierdoor de uitnodiging om het spirituele pad te gaan.

Zhuang Zi noemt elders een aantal algemeen menselijke zaken die tussen de mens en Tao instaan, hij zegt: Doorbreek de blokkades van de Tao. Deze zijn:

Aannemen en verwerpen.

Kennis en kunnen.

Geven en nemen.

Wanneer deze ons innerlijk niet langer in beroering brengen,

dan zijn we op het rechte pad.

Wie op het rechte pad is, is kalm.

Wie kalm is, is verlicht.

Wie verlicht is, is leeg.

Wie leeg is, is wu wei.

En precies daardoor blijft niets ongedaan.

14x14nr77_fs

 

De eerste twee die hij noemt zijn: aannemen en verwerpen.

Het zijn eigenlijk afspiegelingen van het Yin en het Yang, die uitwerken in onze persoonlijke wereld en die wij op een heel persoonlijke manier tot uitdrukking  brengen in ons doen en laten.

 

64Wanneer we iets aannemen, verwerpen we automatisch iets anders. Wat we prettig vinden noemen we per definitie beter dan wat wij verafschuwen.

Maar het Yin heeft altijd het Yang in zich en andersom.

Natuurlijk kunnen we niet zonder voorkeuren en afkeer, we zouden anders niet kunnen bestaan. Wie zich wijsmaakt dat alle planten gelijk zijn en daarom alles eet wat groeit en bloeit komt tot de ontdekking dat er ook giftige planten zijn. Het maken van onderscheid is een bestaansvoorwaarde

Wat Zhuang Zi bedoelt is dat wij zo gewend zijn om voortdurend keuzes te maken die in ons eigenbelang zijn, dat we onze verbinding met het grote Tao dat in het midden is, uit het oog verliezen. We maken dan als het ware ook onderscheid tussen ons persoontje en Tao.

alchemi 2Wanneer we ons in stilte tot het tijdloze in ons midden richten, dan worden we heel even niet langer in beslag genomen door alle impulsen die van buitenaf tot ons komen en die van ons vragen om aangenomen of verworpen te worden.

Dan hebben we onszelf (heel even) vergeten en zijn vanbinnen een klein beetje ‘leeg’ geworden.

In die leegte ontstaat ruimte voor de kracht die van Tao uitgaat: voor de Teh.

Om deze kracht te kunnen ervaren is grote openheid nodig, naast onbevangenheid en zonder oordeel zijn. Het is een ego-loos openstaan voor de kracht van het mysterie.

 

Wie zichzelf vergeten kan is vrij van het aannemen en verwerpen, heeft terwijl hij beneden in het dal verblijft, de berg beklommen.

labyrinthYin Xi van de Bergpas zei:

Als je niet in jezelf vastzit, dan openbaren de dingen zich aan je.

Beweeg als water,

Wees stil als een spiegel,

Antwoord als een echo.

Daarom handelt Tao in overeenstemming met de wezens.

Het zijn de wezens zelf die ingaan tegen Tao.

Tao gaat nooit in tegen de wezens.

Wie zich voortreffelijk kan afstemmen op Tao maakt geen gebruik van zijn oren,

en ook niet van zijn ogen,

en ook niet van zijn kracht

en ook niet van zijn geest.

Wie wil zijn zoals Tao 

en dat nastreeft door gebruik te maken van zijn gezichtsvermogen,

zijn gehoor, zijn lichaam en zijn kennis,

zal het doel niet bereiken!

Lie Zi, hoofdstuk 4/XVI, vertaling: Jan De Meyer.

 

 

 

Uitgelicht bericht

HOOG en LAAG

mooi en lelijkLaozi 2

Als de hele wereld weet wat het mooie mooi maakt, dan is er al het lelijke.

Erkent iedereen de goedheid van het goede, dan bestaat ook het slechte.

Bestaan en niet-bestaan roepen elkaar op; moeilijk en gemakkelijk ontwikkelen elkaar, lang en kort vormen elkaar,                         hoog en laag berusten op elkaar,                    de stem voegt zich naar de toon;                voor en na volgen elkaar op.

 

YY 8

Lao Zi beschrijft in dit vers de wereld van de dualiteit waarin het Yin en het Yang onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. In een langdurig en fijnzinnig proces van slijpen, schuren en schaven, maken het Yin en het Yang een mens er uiteindelijk van bewust dat zijn tijdelijke aard ingebed ligt in een onnoembaar groot mysterie. Wanneer hij dit beseft vangt hij een glimp op van de tijdloze natuur in hem. Voor wie dit overkomt lijkt de tijd voor een moment stil te staan, hij vergeet zichzelf en ervaart een diepe innerlijke stilte zoals hij nooit eerder heeft gekend.

berg en dal

De spirituele weg gaan wordt ook wel vergeleken met het bestijgen van een berg.                                                   Deze stellen wij ons vaak onbewust voor als een eenvoudige, gladde, alleenstaande berg met maar één overzichtelijk pad dat zonder hindernissen rechtstreeks naar de top voert; alsof er slechts enkele stappen nodig zijn om deze weg te kunnen gaan.

bergen

 

De werkelijkheid blijkt anders: de berg maakt deel uit van een bergketen, de helling is ruw en vol kloven en ravijnen en wordt doorsneden door kolkende rivieren, terwijl op de top door de eeuwige sneeuw lawinegevaar dreigt. Er loopt geen simpel pad; wie naar boven klimt moet zichzelf een weg zien te banen. Daarom is ook is niet één bepaalde richting ‘de juiste’, maar kan de berg bestegen worden vanuit alle vier de windrichtingen.

vallei 3

 

12717858_998490163573559_5323646733413731298_nWie aan het bestijgen van een berg denkt heeft al snel de top als doel voor ogen. Het gaan van de weg lijkt dan een kwestie van in zo kort mogelijke tijd zo hoog mogelijk stijgen: hoog, hoger; het allerhoogste moet bereikt worden.

Dit vers van Lao Zi maakt ons echter duidelijk dat wie denkt ‘hoog’ te gaan meteen te maken heeft met het ‘lage’. De ‘weg’ gaan, in de zin van Tao volgen, houdt in dat de beklimmer afwisselend omhoog en weer omlaag gaat, keer op keer, een heel leven lang. Daarbij is ‘hoog’ niet belangrijker dan ‘laag’, ze zijn wel verschillend in werking, maar gelijk in waarde.

 

Wie Tao wil volgen is op weg en dit op weg zijn, dit proces, is zijn ‘doel’. Op deze weg leert hij zijn ego minder te laten worden opdat zijn tijdloze natuur zich des te krachtiger kan openbaren.

Tijdens het opstijgen ontvangt hij een impressie van zijn niet-ik-natuur. Bij het werken beneden in het dal leert hij om dit handen en voeten te geven.

Dit blijkt echter nog niet zo eenvoudig te zijn: het is een hele toer om ons niet te identificeren met de impressies van het tijdloze die bij het bestijgen van de berg ontvangen werden.

 

Symmetry-2

Beneden wordt van mij gevraagd om oprecht te zijn, maar vooral dat ook te blijven. Dit houdt in dat ik niet net ga doen alsof die zuivere natuur al volkomen werkelijkheid is geworden. Omdat de ervaring boven zo indrukwekkend is bestaat het gevaar dat ik mezelf daar een beeld van vorm. Dan bestaat het gevaar dat ik mezelf inbeeld al in die werkelijkheid te kunnen leven en kan ik – onbewust – mezelf dwingen om me hiernaar te gedragen. Dan moet ik zus of zo zijn, of dit wel doen en iets anders vooral niet. Daarbij moet ik zorgen dat ik mezelf (en anderen!) blijf overtuigen. Ik ben kortom helemaal vervuld van mezelf terwijl ik denk bezig te zijn om ruimte in mezelf te maken voor de kracht van het mysterie.

11796292_1015789925119608_4333328290560187775_n

 

Gelukkig voor me gaat me dit een keer opbreken. Dan ontdek ik dat het me niet lukt om opnieuw een stapje op de berg te zetten. Ik blijf beneden en blijf daar net zo lang tot er een heel klein beetje inzicht in me ontstaat dat het onmogelijk is om met mijn tijdelijke ego de werkelijkheid van het tijdloze na te bootsen. Dit inzicht leidt opnieuw tot innerlijke stilte. Daarin vergeet ik mezelf.

‘Beneden’ leer ik dus in feite evenveel als ‘boven’, beneden ‘stijg’ ik door de ervaring die inzicht geeft waardoor mijn zelfgemaakte belemmeringen teniet worden gedaan.

                                                                                    Boven ontvang ik iets, beneden leer ik om daarmee te werken.

 

Lao Zi vervolgt zijn tweede vers met:

Daarom houdt de wijze zich in zijn daden bij het wu wei.

Hierdoor beoefent hij de leer zonder woorden.

eenvoud

Ik ben gewend om bij bijzondere ervaringen ook bijzondere dingen te doen: ik kom met veel vertoon in actie.

Dit blijkt echter niet op te gaan voor het proces dat zich bij het bestijgen van de berg afspeelt.

Beneden gekomen hoef ik helemaal niets bijzonders te doen.

Daar heb ik alleen te leren om ‘de leer zonder woorden te beoefenen’, zoals Lao Zi dit noemt. Daar leer ik om niet mijn ikje centraal te stellen, en niets te doen dat tegen Tao ingaat. Daar ga ik leren te leven vanuit wei wu-wei: doen het niet-doen. En dat is in feite zo bijzonder dat ik er stil van word.

uitstralende steenEen steen hoeft geen moeite te doen om de zonnewarmte die het overdag in zich opnam in de avond weer uit te stralen; dit gaat als vanzelf. Wie zich aangetrokken voelt door die warmte komt eveneens als vanzelf naar de steen toe. De steen ‘doet’ niets anders dan onopzettelijk zijn warmte uitstralen.

 

Lachende steen

 

Maar ben ik niet al te vaak als een steen die omlaag rolt om daar met groot enthousiasme anderen te laten weten hoe heerlijk warm hij wel is? Of als één die zijn warmte niet wil geven aan mensen die hij niet mag? Of houd ik maar al te graag een wedstrijdje met andere stenen wie de meeste warmte heeft?

Het is om koud van te worden, letterlijk! Want door me iets toe te eigenen wat niet voor mijn ego is bedoeld heb ik mezelf in de schaduw van het tijdloze licht geplaatst.

Wat ieder die de weg wil gaan heeft te leren beschrijft Lao Zi in het laatste deel van vers twee:

12576De wijze beoefent                                            ‘de leer zonder woorden’.

De tienduizend dingen komen op

maar hij laat ze niet in de steek

Hij brengt ze tot ontwikkeling,

maar eigent zich niets toe.

Hij is actief,

maar laat zich er niet op voorstaan.

Hij volbrengt zijn taak

maar hecht zich er niet aan

hierdoor blijven zijn verdiensten behouden.

Uitgelicht bericht

HET DAL INGAAN

Wie anderen kent, is knap

Wie zichzelf kent, is verlicht

Wie anderen overwint, heeft kracht

Wie zichzelf overwint, is sterk

Lao Zi in vers 33

821Wie op de berg een glimp van het mysterie op mocht vangen, is gehouden in het dal af te dalen om daar te leren met dit geschenk te werken. Dit begint met zelfkennis.

Daar bestaan twee soorten van: de ene is onszelf leren kennen als zijnde een tijdelijke mens met een heel eigen karakter en aanleg. De andere is onszelf leren kennen in onze verhouding tot het tijdloos mysterie van Tao.

Bij dit laatste schieten woorden tekort omdat wij door woorden dingen van elkaar onderscheiden. Tao echter is grenzeloos.

Door onze woorden plaatsen we Tao buiten ons bewustzijn. Wie zich open wil stellen voor Tao kan daarom ook niet anders dan innerlijk stil worden.

Terugkeren naar de wortel heet: stilte.

Dit is wat we terugkeer naar de bestemming noemen.

Lao Zi in vers 16  

de weg 1Hoog op de berg waren we opgenomen in iets dat onze menselijke beperkingen ver en ver overstijgt. Daar waren ons hart en onze hoofden voor een moment helder en leeg. In die leegte weerspiegelde zich een kleine straal van het tijdloos mysterie.

Werd het voor even volkomen stil in ons hart.

Een stilte die het tijdloze nabij komt.

Een stilte waarin we heel even ons diepste menszijn mochten ervaren.

Dit menszijn dat in feite een niet-zijn is omdat het niet behoort tot het tijdelijke domein waarin ons persoonlijke leven zich afspeelt. Met dit besef dalen wij af in het dal.

 

illusie

Beneden echter herneemt mijn tijdelijke persoon geleidelijk aan de regie, want ik kan niet anders. Boven op de berg leek ik mezelf vergeten en was ieder eigenbelang verdwenen, maar beneden gekomen is het andersom: ik ben er weer luid en duidelijk, terwijl mijn diepste ‘zelf’ erg ver weg lijkt te zijn.

Mijn tijdelijke zelf wil niet anders dan getuigen van die mooie ervaring op de berg.

Omdat ik niet inzie dat ik een toeschouwer was op de berg en in de rol van getuige verkeerde, neem ik onbewust aan dat IK nu in actie moet komen. Ik weet niet beter dan dat ik me altijd in moet zetten wil ik iets bereiken, dus doe ik dit nu ook.

18Wat ik niet besef is dat ik me vrijwel altijd identificeer met waar ik voor sta en wat ik daarmee doe. Hieraan ontleen ik voor een groot deel mijn identiteit. Deze behoort tot de tijdelijke wereld en staat om die reden tussen mij en het stille en tijdloze Tao in.

Op die basis ga ik – bezield van de beste bedoelingen – aan het werk. Ik houd van mijn medemensen, wil ze het liefst meenemen die hoge berg op. Ik wil mijn hele leven inzetten in dienst van het uitdragen van dit mysterie. Ik ben er helemaal vol van, raak er niet over uitgepraat! Ik hoop dat er eindelijk toch eens naar geluisterd zal worden ! Mensen hoeven alleen maar stil te zijn . .  . zichzelf alleen maar te verliezen in het mysterie dat ons allemaal zo nabij is.

1407776222_IntrospectieWat ik niet inzie is dat ieder mens op zijn eigen tijd en manier klaar is om zich open te stellen voor het mysterie.

Het dringt niet tot me door dat ik dit mysterie op basis van mijn ego uit wil dragen. Ik gedraag me alsof het zichzelf niet kan manifesteren aan ieder die ervoor open staat. Ik identificeer me met mijn rol van getuige, terwijl ik meen vanuit wu wei  te handelen.  .  .

Ik ga hiermee door tot ik merk dat al mijn inspanningen maar een mager resultaat op leveren.

kakelbontIneens zie ik mezelf als een goochelaar die met veel hocus pocus een gouden ei uit zijn hoed tevoorschijn tovert en die zijn publiek belooft dat er een wondervogel uit tevoorschijn zal komen. Maar wanneer hij met zijn toverstokje de eierschaal breekt, trekt hij er slechts een kakelbont gekleurde doek uit. Heel even lachen zijn toeschouwers om de mislukte truc en lopen dan weer verder.

Gegeneerd dringt het tot me door wat ik aan het doen was.  .  .  .

13In het dal gaan wij de weg van de (pijnlijke) ervaring. Daar leren we onszelf kennen in verhouding tot het tijdloos mysterie. Beneden beseffen we dat ons tijdelijke ikje niet het doel is, maar het middel. Daar vallen we keer op keer, maar daar ook leren we om net zo vaak weer op te staan. Zo leren we gaandeweg om ons open te stellen voor het kloppen van het mysterie in het stiller wordende hart.

Diep in het dal van onze levenservaringen leren we uiteindelijk antwoord te geven op de onuitgesproken vraag: ‘Wat heb je niet-te-doen?’

energy-in-lifeIn het dal loop ik tegen de grenzen van mijn beperkte ego aan, en ik herken dit als een algemeen menselijk gegeven. Vandaaruit ontwikkelt zich mededogen voor wie we zijn: mensen die bezig zijn te leren om zichzelf niet centraal te stellen. Mensen die in verbondenheid met anderen hun hele leven nodig hebben om te leren niets te doen dat tegen Tao ingaat; wu wei. Mensen die zich ervan bewust worden dat zij zich niets van het mysterie toe kunnen eigenen, maar dat het mysterie wel door hen heen werkt. Mensen die leren te dienen, in stilte, zonder zich ergens op voor te laten staan – om niet-.

Aan al die mensen stelt Lao Zi in zijn tiende vers de vraag:

Je onzichtbare spiegel polijsten en rein houden

zodat er geen enkele smet op blijft.

Kun je dat?

Met liefde voor het volk het land besturen

en je toch houden aan het wu wei

Kun je dat?

(onderstaand gedicht  MEDEDOGEN sluit hierbij aan )

Uitgelicht bericht

Mededogen

Licht

Niet de volmaaktheid

Verbindt,

Maar verblindt ons

 

vvWe zijn samen

In valkuilen en fouten

In wat we hebben nagelaten

En niet hebben gezegd

In onvermogen

Lief te hebben

En te laten

 

compassie

 

Daar waar we

Onszelf bedrogen

Logen

Over ons ware Zijn

 

18

 

We zijn samen

In ons mededogen

Naar onszelf

Naar onze pijn

In mededogen

Naar de Ander

In onze kwetsbaarheid

Monique Weemhoff

Uitgelicht bericht

DE BERG AF

(Je kunt op deze tekst reageren door hierboven  te klikken op: een reactie plaatsen)

berg 2

 

Als metafoor voor de spirituele weg dient vaak het beeld van een berg. Daarbij stellen we ons voor dat het doel van de reiziger is om de top te bereiken.

Daarna houdt ons voorstellingsvermogen op. Alsof we onbewust denken dat de reiziger – eenmaal de bestemming bereikt – op de berg zal blijven, voor eeuwig verbonden met het hogere.  Alsof er dan geen enkele verbinding meer zou bestaan met ons gewone mensen beneden.

Dit blijkt gelukkig een misvatting. Wie boven in de ijle lucht één enkele ademteug is geschonken van een vurige zuiverheid die ons voorstellingsvermogen ver en ver overstijgt, is gehouden om deze ook weer uit te ademen. 

 

vallei 2Echter niet boven op de in licht badende berg, maar beneden in de duister lijkende vallei.

Boven ving hij een glimp op van het naamloze mysterie en beseft hij dat dit niet bedoeld is om zich toe te eigenen, maar om ermee te leren werken ten dienste van alles en iedereen, niets en niemand uitgezonderd. Zijn werkterrein ligt daarom niet hoog op de eenzame top, maar ‘laag’ op de door zijn medemensen bevolkte aarde, midden in het gedoe van het dagelijks leven.                                                                                                         Hij daalt de berg af als een waterstroom die naar beneden vloeit.

Lao Zi zegt in vers 8:

Het hoogste goed is als water.

Water is de tienduizend dingen van nut en strijdt niet.

Het verblijft op plaatsen die het volk verafschuwt.

Daarom staat het dicht bij Tao.

yy water en vuur 2

 

Vuur en water, hemel en aarde; het zijn de ingrediënten voor een proces van transformatie. In dat proces wordt de reiziger in staat gesteld om te veranderen van een op zichzelf gericht mens, in een die zich egoloos verbonden weet met de kracht van Tao.

In hem komen het Yin en het Yang met elkaar in evenwicht.

waterbloem 1

 

Zijn weg begint met ‘laag’ durven zijn. Dit doet hij vanuit een zachtmoedige basis die zich zonder oordeel verbonden weet met zijn medemens.

Vanuit deze basis ontwikkelen zich bescheidenheid, zuiverheid en wijsheid, zowel ten aanzien van zichzelf, als van ieder ander mens. Want niemand gaat deze weg voor zichzelf alleen.

 

Daodejing 22 zegt:

De Wijze toont zichzelf niet, daardoor is hij lichtend.

Hij bevestigt zichzelf niet, daardoor valt hij op.

Hij hemelt zichzelf niet op, daardoor slaagt hij.

Hij is niet trots op zichzelf, daardoor blijft hij behouden.     

 

allerlei 1Lao Zi stelt ‘het lage’ voor als zijnde een verheven plaats. Laag wordt door ons mensen onderschat, of zelfs verafschuwd, terwijl daar juist onze leerschool ligt.

In het zogeheten ‘lage’ ligt datgene verborgen dat wij niet aan durven zien, dat ons grote angst inboezemt. Precies dat is het wat tussen ons en Tao in blijkt te staan.

 

groot ego 1Op de dualistische levensweg is de mens er doorgaans op uit om hogerop te komen. Hij wil iets bereiken, zich in positieve zin onderscheiden, is vol begeerten en heeft zelden genoeg.

Aan dergelijke ambities heeft hij op de spirituele weg niets, het blijken daar juist zijn blokkades te zijn. Hij zou zich daarmee een beeld van zichzelf scheppen zoals hij zou willen zijn: een heerser, terwijl hij een dienaar behoort te zijn. 

 

Lao Zi zegt in vers 24:

Wie op zijn tenen loopt, valt om.

Wijdbeens lopend komt men niet ver.

dualiteit 1

 

Wie het ‘hoge’ als zijnde ‘het doel’ aanneemt en tegelijkertijd het ‘lage’ afwijst als iets dat dit doel in de weg staat, houdt zichzelf binnen de dualiteit gevangen.

Wie ‘hoog’ is in eigen ogen, betoont zich juist laag ten opzichte van Tao.

Maar wie ‘laag’ durft te zijn stelt zich open voor de kracht van Tao.

 

Daodejing 61 vertelt ons hoe wij dit in praktijk kunnen brengen:

 

Een groot rijk is als een diepe bedding waar alles naar toe stroomt.

Het is het vrouwelijke van de wereld.

Het vrouwelijke is altijd stil.

Vanwege het stille overwint zij het mannelijke en is zij laag.

stille wijzeStilte blijkt de sleutel op de spirituele weg te zijn.

In een diepe stilte verdwijnen de illusies van het hoog en laag, van het voor en tegen.

Stilte maakt leeg.                                                          Naar het lege kan alles toestromen.

In een stil geworden hart leren wij alles kennen dat Tao in de weg staat.

Leren wij onszelf kennen.

 

cirkel 18Tao hoort niet tot onze wereld waarin alles een tegendeel heeft.

Toch is Tao in heel deze wereld aanwezig, als een tijdloze liefde die zó fijnmazig met alles is verbonden dat het ons niet opvalt.

Wanneer wij stil zijn, staan het Yin en het Yang in ons ook voor een moment stil.

Dan klinkt ‘De grote klank zonder geluid’.     (Lao Zi 41)

 

Zhuang Zi zegt in 13/1:

De Wijze is stil.

Niet omdat iemand zegt dat stilzijn goed is.

Maar omdat geen van de tienduizend dingen zijn hart in beroering kan brengen.

Daarom is hij stil.

(Je kunt op deze tekst reageren door bovenaan bij het begin  te klikken op: een reactie plaatsen)

Uitgelicht bericht

Reflecties lezers op ‘TAO’

 

016-1a0243Anne Koole schreef:

Heel veel dank voor alles wat ons in genade geboden wordt vanuit de schaal van de Oosterse Wijsheid ! 

Maar wat moet ik zeggen?  Wat reflecteren?                    Wil er wel wat gezegd en geschreven worden?             Wil Tao dat wel?                        In mij wekken de Tao-lessen het diepe gevoel dat het beter is te leren zwijgen en hoe langer hoe stiller te worden. Maar hoe doe ik dat, of ook: hoe doe ik dat niet.  Komt het ‘als vanzelf’ als ik me op Tao richt? 

Vanuit mijn jeugd en christelijke traditie komen een paar woorden van Guido Gezelle in mijn herinnering:

mist-2‘Gij bad op enen berg alleen, en Jesu, ik en vind er geen waar ‘k hoog genoeg kan klimmen om U alleen te vinden.

De wereld wil mij achterna al waar ik ga of sta of ook mijn ogen sla. En arm als ik en is er geen… O leer mij, arme dwaas, hoe dat ik bidden moet !”  Of ook: ‘hoe dat ik stiller wordt’.

Guido Gezelle dicht over een berg. Dat is – ook als wij die weg willen gaan –  geen weg van meer, maar van minder worden. De weg ook van Tao, met het vasten van het hart. 

Anne Koole

kom

Een andere lezer, Monique Weemhof bracht het volgende in:

De weg van Tao

nnnIn het hele bestaan herken ik een opgaande stuwende kracht en een neergaande loslatende kracht; zo ook in de ontwikkeling van de mensheid. Onze geschiedenis kent een lange weg van bevrijding van het individu uit diverse soorten van symbiose: familie, stam, volk, religie of ideologie. Het menselijke bewustzijn ontwikkelt zich als een kind dat zich losmaakt van de onbewuste verbinding met de moeder om daarna zich tot een volwassen individu te kunnen ontwikkelen; van pre-persoonlijk naar persoonlijk. Wanneer hij beseft een van de wereld afgescheiden individu te zijn, kan hij vanuit afzondering naar verbondenheid teruggaan. Deze keer bewust; de transpersoonlijke weg.

 

cb2007018_ontmoetingHet Taoïsme kan een leidraad vormen of bruggen bouwen in dit proces van transformatie doordat het kan bijdragen aan een nieuwe identiteit, nl een bewegingsidentiteit, die zich kenmerkt door een openheid, een identiteit in beweging, zich steeds opnieuw verbindend.

De god Shiva, uit het Hindoeïsme verzinnebeeld dit, de eeuwige dans van schepping en vernietiging op de demon van onachtzaamheid. Wat het beeld aangeeft, is dat wij door bewuste aandacht/awareness, in contact kunnen komen met dit stromende, dat leven en dood omvat of overstijgt. Vanuit niet-doen, vanuit overgave aan leven met als voorwaarde dood. Vanuit een bereidheid steeds in ieder moment te worden en sterven, steeds opnieuw. Vanuit het opgeven van een star zelf, een starre wereld, waaraan we ons vastklampen. Dat we onze angst dat alles stroomt en daarom de dood een voorwaarde is voor leven, overwinnen door deze allereerst te ervaren en erkennen.

paper-art-bijoux-sculptures-lydia-hirte-T-Hsav0_Ontwikkeling of ontplooiing komt vanzelf in de overgave, wanneer je jezelf openstelt en de angst voor de relativering van je eigen ik, in een tijdelijk sterven kunt overwinnen. In het taoïsme herken ik hier “het kleiner worden”                                                      Ik denk dat veel geweld, extremisme en oorlog terug te voeren is op de verstarring in de mens, het niet kunnen, willen stromen, de angst voor de dood en daardoor het willen grijpen, controleren en vastzetten

4De extremist, die in ons ieder aanwezig is, brengt de mens het liefst terug naar onvrijheid, naar verstarring. De psychische boodschap is; ik kan me niet verbinden met de stroom en jij mag dat ook niet, anders wordt mijn angst vergroot. Ik vernietig de verbinding in mezelf en vernietig ook die in jou. Ook machtsspelletjes zijn uitingen zich niet te durven verliezen in de overgave.

De overgang naar een open bewegende identiteit voltrekt zich meestal na een crisis. Het leven moet blijkbaar de grens hardhandig openbreken, voor de kikker uit de put wil, voor de vis het open water verkiest voor zijn aquarium.

wallup.net

Het taoïsme kan naar mijn idee helpen om verwarring over het onderscheid tussen religie en doodsangst op te lossen en verbinding met de stromende bewegende Teh te herstellen in onszelf en daarmee in de wereld. Wij kunnen bij onszelf beginnen omdat via ons lichaam het bezielde contact met de ander tot leven kan komen.

Als we ons met een mens werkelijk kunnen verbinden, vindt uitbreiding vanzelf plaats, want werkelijk verbinden is overgave aan de bron, die beweging voortbrengt en in alles aanwezig is.

DSC03209Het begrip “diep” resoneert in mij, omdat het een beeld geeft van gelaagdheid. Zo ook het woord “dubbel”(geheimzinnig).                        Als ik de wereld ervaar, ervaar ik een bepaalde gelaagdheid, die als werkelijk aanvoelt. In het spirituele domein hebben we het vaak over ego, als iets verwerpelijks, maar bevrijdend vind ik de houding van acceptatie en loslaten in het Taoïsme t.o.v. het dwingende, vastgrijpende karakter van vele stromingen. Ook het ego is deel van de mens. De egofuncties zorgen ervoor dat je, als kind voldoende voeding, liefde en bescherming krijgt, om lichamelijk en psychisch gezond te blijven. Vanaf de pubertijd is er de menselijke taak om tot wasdom te komen, door de gebieden die in de schaduw zijn komen te liggen, door de noodzakelijke aanpassing, te belichten. Wat overblijft na deze uitzuivering –  in het ideale geval – is een organisme, dat in harmonie leeft met zichzelf en zijn omgeving. Dan is er de mogelijkheid tot creatieve aanpassing en een flexibele ego-grens.

12Ik ervaar een ontwikkelingsproces van ego, naar zelf, naar ziel. Het ego zorgt voor creatieve aanpassing, het Zelf ervaar ik als een proces, waarbij ik steeds meer leer mijn gevoelens te herkennen, accepteren en hanteren en het toe-eigenen van mijn schaduwkanten. Het ego zie ik als deel van het zelf, het Zelf deel van de Ziel. De Ziel is dat wat ons een maakt met anderen, er gelijk aan is. Het Griekse woord Ziel, duidt oorspronkelijk op onze fundamentele afhankelijkheid van het andere, de ander. Het woord Ziel geeft in deze betekenis aan, dat er geen werkelijke ego’s bestaan, maar dat deze slechts illusie zijn. De werkelijkheid is ongedeeld, maar deelt zich toch. Hier ervaar ik de dubbelheid. Het ongedeeld zijn en zich toch delen lijkt een paradox. Het is voor ons moeilijk te bevatten dat tegenstellingen beide waar zijn of misschien beter gezegd, aanwezig zijn en allebei evenveel waarde bezitten. Deze “mindset” is via het Taoïsme, goed te beoefenen.

Monique Weemhof

kom

Een van de zogeheten”Theetjes” van Cees Schrama luidt:

beweging1Tao is essentie van bestaan, zowel oorzaak als gevolg. Wordt dan ook geprojecteerd gezien in alles wat is. Alles wat is – de 10000 dingen –  werken op elkaar in en dat komt door kracht. Deze 10000 dingen lijken afzonderlijk te bestaan, maar zijn deel van een geheel. De kracht tussen de 10000 dingen is niet autonoom, is niet zo maar ontstaan, maar vanuit Tao. Dus essentie gerealiseerd is kracht. Tao representeert zich aan de 10000 dingen middels Teh. Voor veel van de 10000 dingen is dit een vanzelfsprekende zaak. Wij mensen verwonderen ons erover.  .   .                Cees Schrama

kom

Guido Ten Berge schreef:

1111Brood met Tao gebakken.
Behoedzaam met liefde bakken en is als een volk regeren. Het grote zit in het kleine, zo ook in ons dagelijkse brood.

Brood vanuit Tao bakken doen slechte regeerders beven. Als zij wisten welke kracht eerlijk brood de liefde vergroot.

Tao brood doet geen kwaad alleen zij die het niet eten. Zij sterven van honger door het gemis van een verfijnder leven.

Als er teveel belasting op het graan en het bakken wordt geïnd. Het onbestuurbare komt voort uit het eigenbelang van heersers.

 

Zij die geen eigenbelang nastreven, doen hun brood in stilte eten.
De waarde van Geestelijk brood zit in het kleine, het grote delen.

Brood vanuit Tao gebakken geschied vanuit Liefde en haar kennis.
De toewijding aan jezelf, de ander het totaal is dat het gisten doet.

Brood doet mensen geen kwaad wel genadebrood van rijken eten,
Wijze mensen doen niemand kwaad, herkent de bakker aan zijn brood.

kom

Een tweede “Theetje” :

123Om iets te kunnen worden moet er eerst niet iets, niets zijn. Expanderende dimensies zoals ruimte en tijd bepalen ons gedachten veld. Maar er is meer, en minder, en anders. Als je essentie van bestaan wil begrijpen moet je terug naar de basis: Dimensieloos en tijdloos!

Maar dan: Wat is dan de mens? Wat is dan de wereld? Wat is dan zijn? Wat is dan niet-zijn?

Cees Schrama

kom

 

Marjet van Wijk laat ons delen in het volgende:

Old wooden traditional Chinese house, Jianshui, Yunnan, China.

.

Als jong kind voelde ik diep van binnen dat de woorden die gebruikt werden om ‘de weg terug naar God’ (zoals ik dat toen noemde) te duiden niet konden kloppen; omdat er een door mensen gecreëerd beeld van die weg geschapen was waarin ik overal hoorde: ‘zo is het.’

En dat ‘zo is het’ stond, zo zag ik dat, tussen ‘God’ en de mensheid.

Ik ervoer dat menselijke beeld dat overal omheen en tussendoor werd geweven als ‘ruis’ en verwarrend; ik vond dat wij mensen niet kunnen weten wat ooit naamloos begon, was en is.

En steeds als ik heel dicht bij de kern dacht te komen van dat wat dat naamloze was en wat voor mij als heel wezenlijk aanvoelde, ontglipte het me.

 

DDJ-als-boekOp mijn 15e of 16e woonde ik een jeugd conferentieweek bij waarvan de eerste bijeenkomst begon met het voorlezen van vers 1 van de Daodejing.

Dat moment is een ‘netvliesherinnering’ die ik nooit meer kwijt ben geraakt. Een ’thuiskomst’ en een me realiseren waarom die kern me steeds ontglipte.

 

3c91ddThuisgekomen (in de meer gebruikelijke zin van het woord) trok ik de Tau Teh Tsjing (de hertaling van J.A. Blok) uit de boekenkast van mijn ouders, herlas vers 1 en weer ervoer ik:

Dat ongrijpbare, onnoembare, maar in mezelf zo heel wezenlijke punt waarop denken en niet denken, voelen en niet voelen, handelen en niet handelen elkaar raken in een – soms als kind al tastbare – oneindigheid, onbeweeglijkheid, waarin alles opgaat.

Een aanwezigheid in een tijdloos ruimteloos alleen maar Zijn.

Verder kwam ik niet. Heel lang niet. De aanwezigheid van dat ene vers was genoeg en bleef mijn leven lang met me meegaan.

Waarschijnlijk zocht ik niet verder uit een diep besef dat bij verder zoeken en bestuderen ervan ik die onaanraakbare, nabije en toch veraf zijnde kern zou willen gaan vastpakken en ervan verwijderd zou raken.

131Op speciaal vier regels uit dit eerste vers van de Daodejing, zou ik dieper in willen gaan:

 Durend begeerteloos

zien wij zijn in-wezen

Durend begerende

Zien wij zijn grens

 Iedere stap naar het Onnoembare. En als ik ze zou willen of kunnen pakken, zelfs maar zou kunnen citeren (maar ze ontglippen me ook als woorden voortdurend) dan zou ik ze van ademtocht tot ademtocht door me heen willen laten zingen. En als ik het woord ‘willen’ weg kan laten, dan is zingt Het, woordeloos.

DSC03138Wat is er nodig om in het niet-zijn te staan?

– Staan in het Zijn.

Een niet te benoemen stap naar een innerlijke vol-ledigheid; opgaan in dat wat, paradoxaal wellicht, alleen maar als niet-zijn te benoemen is.                            Wanneer ben je in het Zijn?                            In die fractie van seconde dat je wezen ervaart, voor je denkvermogen het zich toe-eigent, dat Zijn en niet-zijn hetzelfde, tijdloos, eeuwig zijn.            

 Zijn en niet-zijn, zijn één.

Marjet van Wijk

kom

 

Guido bracht een tweede reflectie in:

yinyang-vissenAlles retrogradeert

Van dood naar leven,             van zwak naar sterk.

Wat wordt geplunderd,     wordt geschonken.

Wat is afgewezen               wordt geprezen en bejubeld.

Hierin ligt de wijsheid van het leven omsloten.

Het zachte wekt de overwinnen het harde het verlies.

De vis dient uit het diepe wateren boven te komen.

De ‘stroom’ in het water zal via het hart de ziel voeden. Gelijkelijk de rivier in harmonie haar bedding hervindt. Wij als de rivier die de innerlijke aard van ons leven toont.

Guido

kom

Johan Cornelissen vertelt voornamelijk in beelden:

4 bomen

Gemaakt vanuit wu wei ; geen gedachten of gevoelens. Steeds volgens een vast patroon getekend: zoals het uitvoeren van de Tai Chi vorm die ik elke ochtend beoefen in het park.

aug'15

okt'15

nov'15 (002)                    dec'15

Deze bomen maakte ik in van aug ’15 – jan ‘16.          Johan Cornelissen

 

kom

Tot slot nog een “Theetje”:

Tao is             Tao is overal      Tao is er altijd geweest         Tao zal er altijd zijn

lucebertWant tijd is er voor mensen, niet voor Tao.

Wij zijn kruimels op de rok van het universum (Lucebert)

Die kruimels denken het hele universum en meer te begrijpen!

Hoe hautain, hoe dom

Wij gaan voorbij. Wij bestaan even als flits en op de rand van het universum.

Cees Schrama

Uitgelicht bericht

Er is geen anti-Tao

In reflectie op de teksten van 7 februari volgt hieronder een beschouwing over TAO

download (1)

Er was iets in een staat van vermenging,

voorafgaande aan het ontstaan van hemel en aarde

Stil en onstoflijk staat het alleen en verandert niet,

gaat het alom en wordt niet mat.

Men kan het beschouwen als de moeder van Al-onder-de-hemel.

Ik weet de eigenlijke naam ervan niet.

Daarom duid ik het aan als weg. [Tao]

Daodejing 25, Duyvendak

werveling3

Tao blijkt er dus al te zijn vóór dit universum tot leven gewekt werd. Terwijl het zelf geen deel uitmaakt van de ruimte, doordringt het deze volkomen. Het zal er nog steeds zijn wanneer dit universum er niet meer is. Toch maakt het geen deel uit van welke tijd dan ook.                                                                           Tao is als ‘leeg’.

 

fabienne verdier via alena sarakapud com

 

Al mijn woorden over Tao zijn slechts als gestamel omdat geen enkele taal woorden heeft om er het naamloze mee te zeggen. Ook mijn verbeeldingskracht schiet ten enen male te kort, terwijl mijn verlangen om het mysterie te ontsluieren tegen me blijkt te werken.                            Tao blijft ‘Verborgen en onnoembaar’.

Zijn bovenkant is niet stralend,

Zijn onderkant niet duister.

In vele vertakkingen die niet zijn te benoemen,

Keert het terug tot het onstoffelijke.

Dit heet vorm zonder vorm,

beeld zonder stoffelijkheid.

Dit heet diepzinnig en vaag.

Ga het tegemoet en je ziet niet de voorkant,

Volg het en je ziet niet de achterkant.

Daodejing 14 Bartho Kriek

 
P1010233

Omdat Tao geen ‘ding’ is neemt het geen deel aan de voortdurende veranderingen die het Yin en het Yang in de tienduizend dingen teweegbrengen.

Tao kan dan ook niet in zijn tegendeel verkeren;

Er bestaat geen anti-Tao.

Het is Eén in zichzelf terwijl het zich van geen enkele verdeeldheid afkeert.

 

Het onuitsprekelijke en zijn noembare begrenzing,

hoewel niet onder één naam te brengen, zijn één en hetzelfde.

Dat is het grote geheim!

Het mysteria der mysteries!

Daodejing 1, E.J. Welz

1338707580_asymring-Mbc0200-thm

 

Tao voedt de tienduizend dingen, is erin werkzaam, maakt hun bestaan mogelijk en zorgt dat alles zich naar zijn eigen aard kan ontplooien.

Omgekeerd echter geldt dit niet: de tienduizend dingen beïnvloeden niet de Tao.

Tao is als een ‘Groot vierkant zonder hoeken’.

 

Wie op zijn tenen staat,

zal niet lang overeind blijven.

Wie zichzelf een vuurbaken acht,

straalt niet ver.

Wie zichzelf roemt, is niet beroemd.

Hij die Tao heeft, gaat er zich niet aan te buiten.

Daodejing 24 J.J.A. Duyvendak

creaffiencyVan nature ben ik niet met Tao bezig, maar met mezelf. Ik beleef de wereld om me heen alsof ik daar in het centrum van sta. Mijn dagelijkse activiteiten zijn allemaal op mijzelf gericht: wat vind ik ergens van, welke gevoelens beleef ik, maar vooral: wat denk ik allemaal. En dat is nogal veel: ik denk de hele dag, zonder in staat te zijn om dit te stoppen. De stroom van mijn ongeordend denken spuit krachtig omhoog, als bubbels uit een fles die onder te hoge druk staat.

 

Verlost van verlangen zien we het mysterie;

vervuld van verlangen, zien we alles gemanifesteerd.

Daodejing 1, Sam Hamill

golf

 

In het dagelijks leven lijkt Tao heel ver weg te zijn. Alsof de tienduizend dingen zich razendsnel vermenigvuldigen, terwijl ze zich in een stroom bevinden die almaar verder weg van Tao afdrijft.

– en ik bevind me daarin –

 

1407776222_Introspectie

De tienduizend dingen dringen bij me binnen, en ik reageer er overactief op: ik wil teveel en blijk vol van begeerten. Daarbij ben ik vaak gewikkeld in een felle competitiestrijd met mijn medemensen. Ik leef vanuit een behoefte aan een mateloos handelen dat bovendien sterk op mijn eigenbelang is gericht.

                                                                    Ik ben you wei.

 

Er is geen grotere blaam 

dan begeerten goed te keuren.

Er is geen groter onheil

dan niet van genoeg weten.

Daodejing 46 Kriek


dual_vortex1

Tao is een mysterie.

Wanneer ik het  – vol verlangen – wil naderen om het te leren kennen, lijkt het zich juist daardoor verder van me te verwijderen.

Wanneer ik echter – verslagen door mijzelf – niets doe, wordt het geleidelijk aan stil in me.

 

 

12717858_998490163573559_5323646733413731298_n

Soms gebeurt het dat er dan ‘iets’ totaal onverwacht dichterbij lijkt te komen. Alsof een gordijn – waarvan ik niet wist dat het er was – heel even openkiert en me een blik gunt in ‘iets’ dat niet zichtbaar, hoorbaar, of te benoemen is. Heel even is er alleen het ‘niets’ –  dat ‘alles’ is – .                                     Onmiddellijk echter wanneer ik dit besef, sluit het gordijn zich onmerkbaar en lost ‘het’ weer op als in het ‘niets’.

20130710224321684

 

Stil klinkt een onhoorbare echo na,                                                als een ‘Grote klank, zonder geluid’.

                                                           Tao is wu wei.

 

Je hoeft de deur niet uit om de wereld te kennen

je hoeft niet uit het raam te zien

om de Weg van de Hemel te volgen.

Hoe verder je gaat des te minder je begrijpt.

De wijze kent zonder op reis te gaan

begrijpt de dingen zonder ze te zien

en volbrengt zijn taak zonder iets te doen.

Daodejing 47, Hans van Pinxteren

 

dsc_3641

 

BEZOEKERS / LEZERS VAN DEZE SITE WORDEN VAN HARTE UITGENODIGD OM HUN REFLECTIE OP HET MYSTERIE VAN TAO TE GEVEN. ( KAN OOK ANONIEM)

DE REFLECTIES WORDEN  ZATERDAG 27 FEBRUARI OP DEZE SITE GEPLAATST.

 

 

 

Uitgelicht bericht

Tao: een groot vierkant zonder hoeken

93Lao Zi heeft zijn Daodejing zodanig geschreven dat het ene vers het andere verklaart. Maar dat niet alleen: de verzen voegen door hun verband ook iets toe aan een bepaald thema of onderwerp.                      De komende weken zullen we hier enkele voorbeelden van laten zien, te beginnen met het thema ‘Tao’.

In het eerste vers zegt Lao Zi dat over Tao niets gezegd kan worden:

Het Dao dat als ‘Dao’ aangeduid kan worden is niet het permanente Dao.

De naam die genoemd kan worden is niet de permanente naam.

René Ransdorp (uit het Chinees)

1447182968Het wordt Lao Zi wel verweten dat hij vervolgens in zijn Daodejing wel steeds over Tao spreekt!                                                       Het is dan ook een paradoxale situatie: over Tao kan niets gezegd worden omdat Tao niet één van de tienduizend dingen is, maar over Tao kan ook niet gezwegen worden omdat het de tienduizend dingen volkomen doordringt.

Dit is een mysterie dat  Lao Zi duidelijk zo laat zijn.  Toch heeft hij het er steeds over; hierdoor worden  we ons bewust  van het ‘bestaan’ van het ‘niet bestaande’. 

Zhuang Zi leefde in de derde eeuw voor onze jaartelling. Hij schreef in verhalende vorm uitgebreide commentaren op de Daodejing. Over het ‘niet-bestaan’ van Tao schreef hij:

sterlicht‘Sterrenlicht vroeg aan Niet-bestaan:   ‘Meester, besta je? Of besta je niet?’  Sterrenlicht kreeg geen antwoord, maar hij keek naar de vorm van de ander en zag niets dan diepe leegte.  De hele dag lang staarde hij, maar kon niets zien, luisterde hij, maar kon niets horen, strekte hij zijn hand uit, maar hield niets vast.                Aan het eind van de dag zei Sterrenlicht: ‘Schitterend!               Wie kan een dergelijke volmaaktheid bereiken?                     Ik kan mij het bestaan van Niet-bestaan voorstellen, maar niet het niet bestaan van Niet-bestaan; en toch hebben we hier het niet-bestaan van Niet-bestaan. Hoe zou ik ooit zo’n volmaaktheid kunnen bereiken?

Patricia de Martelaere, Tao, de weg om niet te volgen,.

1030e94Woorden zijn altijd ontoereikend, maar omdat Tao alomtegenwoordig is, kan er iets van het mysterie dwars door de woorden heen meekomen.

Het is de kunst om ons hiervoor open te stellen en er op een andere manier naar te ‘luisteren’: niet met gewone oren, maar door stil te worden in de zin van ons los te maken van iedere gedachte of beeldvorming over Tao.

Daarbij helpt Lao Zi ons in vers 41 een handje door over Tao dingen te zeggen die op het eerste gezicht onzinnig lijken:

Tao is verborgen en onnoembaar

als een groot vierkant zonder hoeken;

als een grote vaas, die nog gebakken moet worden;

als een grote stem zonder geluid;

als een groot beeld zonder omtrekken.

Toch is Tao de gulheid zelf en brengt alles tot volmaaktheid.

E.J. Welz (uit het Chinees

wing4webWanneer we ons niet bezighouden met wat we vinden van dit soort niet logische gezegden, kunnen we open staan voor de bedoeling van Lao Zi, want met deze woorden maakt hij duidelijk dat Tao een mysterie is dat overal in doordringt.

Want Tao verkiest niet de ene vorm boven de andere, het heeft geen voorkeur wat betreft welke inhoud dan ook, het acht niet de ene muzieknoot mooier dan de vele andere. Tao is vormloos, zonder inhoud en onhoorbaar. Toch is Tao in alle vorm, in iedere inhoud en elke klank te vinden; zonder enige voorkeur, maar ook zonder iets af te wijzen.

In vers 4 vinden we hierop een aanvulling:

Tao is ledig 

en toch in Zijne operaties als onuitputtelijk.

O, hoe diep is Het ! 

Het is de Oer-vader aller dingen.

Het verstompt zijn scherpte, ontrafelt zijne verwardheid,

tempert zijne schittering, en maakt zich gelijk aan het stof.

O, hoe kalm is Het ! 

Het lijkt wel eeuwig te bestaan.

Ik weet niet van wie Het het kind is. 

Het was vóór den opperste God.

                                Henri Borel (uit het Chinees)

 

depositphotos_7226197-Abstract-blue-power-lighting-spiritual-concept.Tao bestond al vóór dit universum ontstond, en zal er nog steeds zijn wanneer onze kosmos er niet meer is. Omdat wij daarvan deel uitmaken is het onmogelijk om ons een voorstelling te maken van iets dat niet tot dit universum behoort. Tao is alom-tegenwoordig, het is overal en in iedere  tijd- en ruimtedimensie aanwezig.

13Omdat Tao ons universum doordringt, voedt, en zich in alles uitstort, is het een levende werkelijkheid. Tao is voortdurend ‘in gebruik’ maar raakt toch nooit ‘leeg’, het wordt niet moe en houdt niet op; Deze dingen gelden voor de tienduizend dingen, maar daar behoort Tao niet toe. Tao kan daarom ook nooit in een tegendeel verkeren:                                              er bestaat geen anti-Tao !

Nooit laat Lao Zi ons ruimte om ons tóch een voorstelling van Tao de maken. Net als we lazen dat  Tao is als een oer-vader, spreekt hij in een ander vers over een moeder. Zoals bijvoorbeeld in vers 20:

Ik alleen ben anders dan de (gewone) mensen,

omdat ik de Moeder vereer, die alles voedt (Tao)

                                Henri Borel (uit het Chinees)

6a0Al het bestaande is alleen mogelijk vanwege Tao. Dat wij mensen bestaan is alleen mogelijk door de vereniging van een man en een vrouw; we hebben een vader en een moeder.

Wanneer Lao Zi het over Tao heeft als een vader of als een moeder, zegt hij dit ‘bij wijze van spreken’, want Tao is niet-iets, het is daarom noch een vader, noch een moeder.

Tao is een naam ‘bij gebrek aan beter’, zoals hij in vers 25 zegt:

 

Nog voor Hemel en Aarde er waren, 

was er iets vermengd en onverdeeld, 

geluidloos en vormloos,

onafhankelijk en onveranderlijk,

dat overal komt en geen gevaar loopt;

het wordt als de moeder aller dingen gezien.

Ik weet zijn naam niet; ik noem het Tao. 

Moet ik het beschrijven, noem ik het Groot.

John Willemsens (hertaling)

Tao is dus een bijnaam voor het onnoembare. Lao Zi merkt als tussen neus en lippen door ook even op dat hij niet beter kan doen dan Tao ‘groot’ te noemen. Hiermee komen we terug bij vers 41 waar hij extra benadrukt dat hij het over Tao heeft wanneer hij het heeft over: Een groot vierkant zonder hoeken. Een grote vaas in aanleg. Een groot geluid zonder klank. Een groot beeld zonder vorm. ‘Groot’ is bij Lao Zi een synoniem voor Tao.

Laten we tot slot zien wat de oude wijze Zhuang Zi hierover te zeggen heeft:

kranvogelsDe grote Tao overstijgt taal en argumenten. Echte kennis heeft geen woorden nodig.   Echte liefde heeft geen goede daden nodig.  Echte bescheidenheid is niet nederig.       Echte moed is niet agressief.

Deze vijf eigenschappen kunnen vierkant worden hoewel ze rond zijn.

Wie berust in wat hij niet weet, kan de volmaaktheid bereiken. Als mensen kunnen spreken zonder woorden en de onnoembare Tao kennen – dat wordt de ‘Schatkamer van de Hemel’ genoemd. *

/(vertaling Solala Towler)

 * Kristofer Schipper merkt hierover op: ‘Zijn geest kan zich dankzij het kosmisch bewustzijn vrij bewegen.’

(wordt vervolgd op zaterdag 20 februari)

Uitgelicht bericht

Een of twee naturen?

download

Diep verscholen in het duister

ligt de onzichtbare kracht van het leven.

Het midden daarvan bevat de essentie

van het verborgen licht.

 

Hierover spraken we twee weken geleden.

Diep verscholen in ons hart rust een afspiegeling van Tao. Daar gaat een kracht van uit, een straling, die de Teh wordt genoemd. De Teh is de tijdloze energie van Tao die werkzaam is in de wereld van de tijdelijkheid.

hqdefault

 

Deze kracht sluit niets en niemand uit, het is als een onbaatzuchtige liefde die al het bestaan mogelijk maakt.

Tao blijft voor ons altijd in het verborgene, maar de uitstraling van Tao kan ervaren worden.

 

Lao Zi schrijft hierover in vers 21:

De manifestatie van liefde [Teh] berust alleen op Tao.

                                                                                                                     Paul Salim Kluwer, (hertaling).

2171e48507a85fece33afb0c93bc7316

 

De relatie tussen Tao en de Teh zouden we kunnen vergelijken met de zon en haar straling. Beide zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden: zonder zon geen straling. De zon is zo heet dat menselijk leven daarop onmogelijk is, maar de straling van de zon doet ons deugd. Zijn licht en energie maken het leven op aarde mogelijk.

 

foto-107-3De Teh wordt ook wel als ‘deugd’ vertaald. Daarmee wordt echter geen menselijke deugd bedoeld, maar er wordt mee aangegeven dat de liefde-energie van Tao ons deugd doet.

De Teh is een spirituele kracht van een heel bijzondere aard: deze is niet gepolariseerd en kan daarom niet in haar tegendeel verkeren.

De vonk in ons hart, de afspiegeling van Tao is eveneens tijdloos. Daarom wordt gezegd dat in ons hart de oorspronkelijke, tijdloze natuur rust.

 

ballast

 

Toch zijn we ons daarvan niet altijd bewust. Dit komt omdat we de meeste tijd op de tienduizend dingen zijn gericht.

Richten we ons echter op het tijdloos midden in ons hart, dan vangen we een glimp op van het grote Mysterie.

 

Lao Zi maakt dit duidelijk in het eerste vers van de Daodejing:

Naamloos is het begin van hemel en aarde

Benaamd is de moeder van de tienduizend dingen

Daarom: wie altijd zonder begeerte is, ziet zijn wonderen,

Wie altijd begeerte heeft, ziet zijn verschijnselen.

                                                                                                                           Vertaling: Bartho Kriek

imagesWe geven de dingen namen om ze te kunnen onderscheiden van andere dingen. Omdat we in een dualistische wereld leven beleven we de dingen binnen de tijd als ‘vóór en na’, en binnen de ruimte als ‘hier en daar’. We maken ook een moreel onderscheid: sommige dingen beschouwen we als zijnde goed, anderen als zijnde kwaad.

De tienduizend dingen zijn echter allemaal gepolariseerd. Alles heeft een keerzijde: yin verandert in yang en yang in yin. Niets is van absolute, onveranderlijke waarde.

20130710224321684Nu denken we misschien: goed, ik heb het begrepen, er zijn dus twee naturen: de ene van Tao, van de tijdloze eenheid, en de andere is onze tijdelijke en duale wereld.

Dat hebben we goed gedacht – gezien dan vanuit ons dualistisch perspectief. . .

 

Gezien vanuit het gezichtspunt van volkomen eenheid is er maar één – tijdloze ! – natuur: Tao. Daarbinnen bestaan alle andere werelden, ieder met hun eigen tijdelijke natuur.

schaalZoals bij een nest schalen: kijk je er van ooghoogte tegenaan, dan zie je één grote schaal.

 

schalen

Bekijk je ze van bovenaf dan zie je dat daarin verschillende kleinere schalen besloten liggen.

De schalen hebben eenzelfde basisvorm, maar verschillen in grootte. Zij kunnen ook ieder voor zich een heel eigen inhoud en eigenschappen hebben. Iedere schaal heeft zijn eigen functie binnen het grote geheel.

 

maxresdefault

Tao echter is niet één van de schalen, het ligt er ook niet buiten of binnen, want Tao heeft geen vorm en is niet aan tijd en ruimte gebonden, Tao ís.                         Toch is Tao in al deze schalen aanwezig en is de Teh daarin volkomen werkzaam.

Dit is voor ons een mysterie.

Juist omdat we mensen van deze tijdelijke wereld zijn kunnen we ons niets voorstellen bij de tijdloosheid.

Zhuang Zi legt dit beeldend uit:

frog

 

Dat je met een kikker in een put niet kunt spreken over de grote wereldzee komt omdat hij vast zit aan een bepaalde ruimte.

Dat je met een zomerinsect niet kunt spreken over de winter komt omdat hij vastzit aan een bepaalde tijd.

 

Wij mensen zijn in staat ons bewust te worden dat wij zowel leven in een wereld van tijd en ruimte, als dat wij deel uitmaken van het tijdloze.

DSC02754

 

Daarbij is het van essentieel belang waar onze aandacht op gericht is.

Is deze op onszelf en op de tienduizend dingen gericht, dan zijn we daar actief bij betrokken. Er is veel te beleven, te ontwikkelen en te krijgen, dus ook veel te begeren en te verlangen.

Dit alles legt als het ware een massa sluiers over het tijdloos midden in ons hart.

De tienduizend dingen worden dan beleefd als op zichzelf staande verschijnselen die los van Tao staan.

 

lichtblauw

Richten we ons in niet-doen, in wu wei, in egoloos handelen, tot het tijdloos midden in het hart, dan wijken de sluiers één voor één. Geleidelijk aan worden we ons bewust van het bestaan van de essentie van het verborgen licht. Dit maakt stil, begeerteloos en eenvoudig.

Zhuang Zi zegt hierover:

Ik zie dat het geluk van de gewone mensen iets is waar ze in massa’s hardnekkig achteraan hollen, alsof hun leven ervan afhangt. Maar wat ze daar allemaal voor geluk in vinden, daarvan moet ik bekennen dat ik niet weet of dat wel geluk is of niet.

image_taoisme

 

Ik beschouw het wu wei als het werkelijke geluk, maar dat is nu weer iets dat gewone mensen erg vervelend vinden.

Daarom zeg ik: het volmaakte geluk is geen geluk; de hoogste waardering is geen waardering. .  .

Laat ik eens proberen het zo te zeggen:

door wu wei is de hemel puur en door wu wei is de aarde stil.

Zo zijn ze allebei door niet te doen in harmonie,

en toch worden de tienduizend dingen daaruit voortgebracht.

02-eliasson-beauty-2

 

 Duister! Vaag!                            En zonder oorsprong worden  ze geboren!

 Vaag! Duister!                            En er is geen beeltenis. .  .  .

  O mensen!                               Wie kan vasthouden aan dit   wu wei?

 Vertaling: Kristofer Schipper, Zhuang Zi hoofdstuk 18 / I*

*Schipper vertaalt de Chinese term ‘wu wei’ met niets-doen. Omwille van de helderheid is hier echter gekozen om deze term onvertaald te laten.

 

 

 

 

 

Uitgelicht bericht

Licht en duister

9

DE KOMENDE MAANDEN ZAL OP DEZE PLAATS OM DE VEERTIEN DAGEN OP ZATERDAG EEN BLOG GEPLAATST WORDEN.                IN DE TUSSENLIGGENDE TIJD KUNNEN DE BEZOEKERS HIEROP  REAGEREN. ER WORDT GEWERKT AAN EEN MOGELIJKHEID DAT OP DEZE PLAATS BEZOEKERS RECHTSTREEKS MET ELKAAR IN GESPREK KUNNEN GAAN. WIJ HOUDEN U OP DE HOOGTE.

DE DATA ZIJN:                                                                                           9 EN 23 JANUARI – 6 EN 20 FEBRUARI – 5 EN 19 MAART.

HET TEAM ‘HART VOOR TAO’.

 

4556684007_ca4ac12c6cDe manifestaties van de grote Teh     volgen alleen uit Tao.
Wat het wezen van Tao betreft                 dat is wazig en vaag.                                                               Hoe vaag!       Hoe wazig!      Binnenin zijn beelden.                                                           Hoe wazig.     Hoe vaag!

Binnenin zijn er dingen.                               Hoe diep verborgen!   Hoe duister!  Binnenin zijn essenties.                           Deze essenties zijn heel echt.          Binnenin is het bewijs.                              Van het heden terug naar het verleden, is zijn naam nooit weggegaan.
Hierdoor ervaren we de vader van alle dingen.

Hoe weet ik dat de vader daarvan zo is?
Hierdoor.                                                                                          (gecombineerde vertaling)

 

equinoxIeder jaar bereikt de zon rond 21 december haar uiterste punt op het zuidelijk halfrond, de zogeheten Steenbokskeerkring. Zij staat dan het meest ver van het noordelijk halfrond af waardoor de dagen zijn bij ons kort zijn en de nachten lang. In termen van Yin en Yang gesproken: er is veel Yin (donker) en weinig Yang (licht).

 

YINGYANGWanneer het Yin –het duister – op haar hoogtepunt is gekomen, doemt in de diepte het licht op – het Yang. Het een is niet méér waard dan het ander, het zijn twee polen van één denkbeeldige as, zoals op onze aarde de noord-en zuidpool met elkaar verbonden zijn.

Enkele dagen later draait de zon zich om en begint aan haar reis naar het Noorden. De westerse wereld viert dan de zonnewende, het kerstfeest, of de lichtgeboorte.

 

Het taoïsme kenmerkt zich door een omkering van waarden, waar wij het licht associëren met het meest verhevene (god) verbindt Lao Zi juist het donker met het meest verhevene (tao).      Hij doet dit omdat Tao als verborgen is voor ons bewustzijn, Tao is weliswaar alomtegenwoordig maar wij kunnen het op geen enkele manier begrijpen, vastpakken of met onze zintuigen waarnemen. Juist de donkere periode van het jaar kan ons uitnodigen om hierbij stil te staan.

downloadZhuang Zi zegt over Tao in hoofdstuk 11/III:

De essentie van de allerhoogste Tao is dieper dan diep, duister en nog eens duister!

Lao Zi zegt in vers 21:                                                

 Binnenin zijn er dingen.                                          Hoe diep verborgen!                                                  Hoe duister!                                                                Binnenin zijn essenties.

 

Beiden bedoelen met ‘duister’ een duister dat niet in zijn tegendeel kan verkeren: Tao zelf, want Tao is niet gepolariseerd.

Alleen in vers 21 van de Daodejing gebruikt Lao Zi twee verschillende karakters voor ‘duister’ die beide naar Tao verwijzen, het zijn:                                                                                                        YAO 3 yao3  (verscholen, diep, duister)  en ming2 ming2   (duisternis, nacht donker)

Er bestaat een oud Chinees schrift, het zogeheten ‘zegelschrift’. Daarin betekenen beide karakters respectievelijk: DE ONZICHTBARE KRACHT VAN HET LEVEN en: VERBORGEN LICHT

licht-wereld1-300x207

We zouden deze zin uit vers 21 ook als volgt kunnen lezen:

Diep verscholen in het duister                   ligt de onzichtbare kracht van het leven.

Het midden daarvan bevat de essentie  van het verborgen licht.

 

Een Chinees karakter bestaat doorgaans uit meerdere andere karakters die samen de betekenis vormen. 

YAO 3   yao3 bestaat uit vier andere karakters:

xue2  xue2 grot, hol opening   yao1yao1 klein, cocon, symbool van het leven

li4 li4 kracht, sterkte            you4    you4  zwak, fijn, jong, delicaat, immaterieel.

Het ‘duister’ van het karakter yao3 verwijst naar een grot met waarin een jong, immaterieel leven verborgen ligt, als een kleine cocon met daarin een enorme kracht.

ming2ming2 bestaat uit drie andere karakters:  i4  mi4 dak, ri4  ri4 de zon,                                  liu4   liu4 het getal 6.  Mogelijk verwijst de zes hier naar de I Jing waarvan ieder hexagram bestaat uit zes lijnen die alle combinaties tussen yin en yang weergeven.

Het ‘duister’ van het karakter ming2 kunnen we opvatten als de spirituele zon waarbinnen ‘de twee’ (het Yin en het Yang) tot één zijn. Deze eenheid wordt beschermd onder een veilig dak, (dit verwijst naar Tao).

hart roos

In Tao rusten de essenties van de tienduizend dingen in een immateriële staat.

Als afspiegeling daarvan rust één daarvan in ons midden, in ons hart. Dit hart is als een grot waar een delicaat immaterieel leven verborgen ligt.                                                                                             

 

2171e48507a85fece33afb0c93bc7316

 

Dit is niet alleen een mooie metafoor maar een levende realiteit, want van Tao gaat een immense kracht uit – de Teh.

Dit is een lichtkracht die wacht tot wij haar eenmaal opmerken. Dan vraagt zij van ons om een daad die – paradoxaal –  bestaat uit de niet-daad: wei wu wei: doen het niet-doen. Niets doen dat tegen Tao ingaat. In hem of haar die dit ‘doet’ wordt als het ware een nieuwe mens geboren.

 

Dit alles is natuurlijk niet aan het donkere seizoen gebonden en het is evenmin eenmalig. Door de hectiek van het leven raakt onze focus op het tijdloze in het eigen hart vaak buiten beeld. Dan is het de kunst om ons steeds weer opnieuw naar het ‘duister’ (Tao) toe te wenden om daar het ‘licht’ (de Teh) te ontdekken.

Wave

 

Vers 21 van de Daodejing eindigt met de vraag hoe wij dit allemaal weten.           Het antwoord luidt: ‘hierdoor’.     Wanneer dit vers gereciteerd werd maakte men een buiging en wees op zijn hart: op de afspiegeling van Tao in het midden.

Wie hiervoor openstaat kan alle tijdelijke woorden vergeten omdat het tijdloze geluidloos tot hem spreekt, als de manifestatie van de grote Teh.

 

 

 

Uitgelicht bericht

4e deel Pentagram boekwinkellezing

6Wanneer we willen weten waar de Weg tot Tao begint, vinden we hierover informatie in vers 25 van de Daodejing waar Lao Zi zegt:        

De koning richt zich naar de aarde

De aarde richt zich naar de hemel

De hemel richt zich naar Tao

Tao is van-zichzelf-zo.
Het Chinese karakter voor ‘koning’ laat dit zien. De vier strepen waaruit het karakter is opgebouwd hebben een symbolische betekenis.

wangDe bovenste horizontale streep staat voor de hemel, het Yang.   De middelste heeft twee betekenissen: Een: de tijdelijke mens. Twee: het tijdloos midden, de Yong, de reflectie van Tao.         De onderste horizontale streep staat voor de aarde, het Yin.

De verticale streep symboliseert de kracht van Tao – de Teh. Deze verbindt hemel, aarde en mens met elkaar en maakt ook de weg van het tijdloos midden duidelijk; de weg van de Koning.

De mens die zich bewust is geworden van de vonk van Tao in zijn eigen hart en zich daaraan toe wil wijden, heeft een stevige basis nodig. Hij gaat daarom als eerste naar beneden, want in de aarde – het Yin, vrouwelijke en ontvankelijke –  vindt hij zijn basis.

3c91ddDeze basis bestaat uit het ontwikkelen van zelfkennis in een zeer ruime betekenis; zowel kennis krijgen over zichzelf, als bewustzijn ontwikkelen van het bestaan van zijn tijdloze natuur.

Hij zal – als tijdelijke mens zijnde – zichzelf in zekere mate moeten kennen om zich op een intelligente manier toe te kunnen wijden aan de tijdloze natuur in hem, want beide gaan nu met elkaar samenwerken.

Lao Zi zegt hierover in vers 33:

Wie zichzelf kent, is verlicht.

Wie zichzelf overwint, is sterk.

1407776222_IntrospectieVanuit de aarde, het Yin, keert de mens op de weg van de Koning zich tot het Yang, de hemel, het mannelijke. In de ‘hemel’ vindt hij de inspiratie om tot de daad te komen.

Wij associëren hemel onbewust met ‘hoog’ en aarde met ‘laag’ en kennen daar snel een waardeoordeel aan toe. Het Yang is echter niet beter dan het Yin. Beide zijn evenwaardig: gelijk in waarde, maar verschillend in eigenschappen.

wu wei 2Lao Zi spreekt vaak over het ‘doen van het niet-doen’; wei wu wei. Het gaat hier niet om een gewone daad, maar in om het omgekeerde ervan, de niet-daad. Dit betekent niet: niets doen, maar houdt in een bewuste keuze maken om niets te doen dat tegen Tao ingaat.

Dit is voor een mens alleen mogelijk wanneer hij zich vanuit het Yin en het Yang tot ‘het midden’ richt: tot de Yong, de tijdloze kracht in het eigen hart.

In de Yong worden de twee, het Yin en het Yang tot Eén gemaakt. Dit wil zeggen dat door de kracht van Tao, het Yin en het Yang geleidelijk aan geneutraliseerd worden. De weg van de koning wordt ook wel een ‘gouden weg’ genoemd omdat die kracht vanuit het midden, de Teh voortkomt.

Tao is belangeloos, is wu wei. Het doet niet, en laat toch niets ongedaan.                                      Een koning is hij of zij die dit wu wei leert na te volgen. Hij leert om niet te doen in de zin van ‘doen om niet’.

Tao volgen houdt in: afleren. Wat een mens allemaal heeft af te leren is in verschillende verzen van de Daodejing terug te vinden:

ddj 1Afleren om zichzelf centraal te stellen.                Daodejing 7-19 – 61 – 66 – 72 – 81                         Afleren om zichzelf hoog te plaatsen.                 Daodejing 8 -9 – 39 – 78                                      Afleren veel te begeren.                                         Daodejing 19 – 34 – 37 – 46 – 77 – 80               Afleren om veel te bezitten                                     Daodejing 27 – 29 – 46 – 53 – 59                       Afleren ons aan zoveel te hechten                       Daodejing 44 – 53 – 64 – 65                               Afleren te veel te willen weten                             Daodejing 19 – 20 – 48 – 57 – 71  .                    Afleren om zich zo druk te maken.                         Daodejing 16 – 17 – 43 – 46                              Afleren te strijden                                         Daodejing 8 – 30 – 31 – 68 – 69                         Afleren zich zoveel zorgen te maken.         Daodejing 7

 

Door het afleren ontstaat geleidelijk aan in een mens een diepe innerlijke stilte. Daarin dringt het besef door dat het Yin en het Yang bewegen om iets dat niet beweegt: de tijdloze, niet gepolariseerde Yong in het midden.

Tao tekening 3Hij gaat een weg die midden tussen het Yin en het Yang doorgaat: rechtstreeks naar het tijdloos midden, de Yong.

Wie veel afleert komt meer en meer in evenwicht met deze tijdloze natuur.  De Kracht die van de Yong uitgaat brengt hem terug tot in Tao, althans: zo ervaart een mens dit. Tao is nooit los van hem geweest. Hij besefte dit niet doordat zijn aandacht en energie gericht waren op de wereld van de tienduizend dingen.                        

 Een mens die beseft dat Tao ‘in het midden’ is, wordt door Lao Zi een ‘koning’ genoemd. Hij zegt hierover in vers 25:

 

Tao is groot

De hemel is groot

De aarde is groot

En de koning is groot.

hart roosWie zich tot het tijdloos midden in het hart richt ontvangt een onvoorstelbaar grote liefde.

Dit is de Kracht van Tao, de Teh. Deze is niet gepolariseerd en daarom kan deze liefde niet tot haar tegendeel verkeren. Zij is voor de reiziger op de koninklijke weg als zijn voedsel, drinken en energie.

Hierdoor blijft hij midden tussen de tienduizend dingen leven, maar blijft tegelijkertijd in verbinding met zijn tijdloze natuur en ziet meer en meer af van handelen.

DSC02756Dit klinkt misschien vreemd, want wij zijn gewend om wanneer we iets zien dat niet ‘goed’ is, onmiddellijk tot actie over te gaan om te zorgen dat het in orde komt.

Daarbij handelen we vanuit onze persoonlijke visie op hoe het ‘beter’ moet. Het is opvallend dat een mens er sterk toe neigt om zijn visie aan anderen op te dringen.

Alle activiteiten die ons tot persoonlijk voordeel zijn, blokkeren de weg van het midden. De leerling van Tao probeert daarom van dit soort handelen af te zien.

Afzien van handelen uit eigenbelang wordt in de taoïstische filosofie wu wei genoemd. Dit houdt in: niets doen dat tegen Tao ingaat.

Lao Zi spreekt hierover in zijn vers 48:

Wie aan studie doet, wordt dagelijks meer.

Wie zich tot Tao richt, wordt dagelijks minder.

Minder en minder,tot niet-doen wordt gedaan.

Wanneer niet-doen wordt gedaan, blijft niets ongedaan.

1338707580_asymring-Mbc0200-thmWie ‘aan studie doet’ houdt zich bezig met de tienduizend dingen. Hij ontwikkelt zich dan meer en meer tot een echte persoonlijkheid. Als mens wordt hij ‘meer’, maar zijn tijdloze natuur raakt hierdoor buiten beeld.            Wie zich tot Tao richt wordt dagelijks minder, gezien naar al die dingen welke tussen hem en Tao instaan. Hij gaat meer en meer leven vanuit het wu wei.                                            Niet omdat de tienduizend dingen ‘slecht’ zouden zijn, maar omdat zij niet meer passen in deze nieuwe fase, zoals onze kleding bij het veranderen der jaren ons niet meer past.

Wanneer niet-doen wordt gedaan, blijft niets ongedaan, zo zegt Lao Zi.  Dit is een uitspraak die ons misschien onlogisch voorkomt, want wanneer wij in het gewone leven iets te doen hebben, maar in plaats daarvan niets doen, dan gebeurt er gewoonweg niets.

TEH 2Maar wie in het wu wei staat, geeft zich over aan de vonk van Tao in het hart. De kracht van Tao – de Teh – ‘doet’ dan datgeen waartoe wij niet in staat zijn: onszelf en ons eigenbelang loslaten.

Deze kracht schenkt ons de mogelijkheid om de tienduizend dingen waar te nemen, maar ons er niet teveel mee te laten slepen door onze emoties, gedachten of wensen.

VerdierDeugd is een andere benaming voor de TEH, de kracht van Tao omdat deze ons ‘deugd’. Zij doet hem of haar ‘goed’ in een ongekend ruime betekenis: het ontvangen van een straal van de tijdloze liefde van Tao. Hoe leger ons hart wordt aan eigenbelang, hoe meer het gevuld kan worden met de liefdekracht van de Teh.            Het meest belangrijke is echter dat we deze kracht  – zonder opzet en zonder aanziens des persoons, ook weer uitstralen. Dit doet anderen dan ook weer ‘deugd’.

galaxy1Het gaan van de weg van het midden is geen kwestie van ons inspannen om iets te bereiken, maar houdt dat wij staan in een proces waarin een mens leert om geleidelijk aan alles los te laten, ook zichzelf.

Dan is er geen ik-besef meer en daarom ook geen ‘ik’ dat zich mee laat slepen door de polariteiten; er is slechts ‘leegte’.

Het hart is dan leeg aan persoonlijk belang, maar tegelijkertijd totaal gevuld met de kracht van de Teh.

Deze houding wordt door Zhuang Zi genoemd: vasten van het hart. Hij zegt hierover:

Yan Hui vroeg:  ‘Mag ik u vragen wat het vasten van het hart dan wel inhoudt?’

‘Concentreer al je aandacht. Luister niet meer met je oren maar luister met je hart.

Luister niet meer met je hart, maar luister met je Qi.

Wat hoorbaar is houdt op bij de oren terwijl het hart nog toegankelijk is voor symbolen.

Maar de Qi is leeg; slechts dingen geven het gestalte.

Voorwaar! In die leegte wordt de Tao vergaard.

Leeg zijn, dat is vasten van het hart’

Yan Hui reageerde met: ‘Zolang ik er niet in slaag om op die manier te vasten, blijf ik de Yan Hui die ik feitelijk ben. Slaag ik er wel in, dan bestaat deze Yan Hui niet meer. Kan dát dan ‘leegte’ genoemd worden?’

‘Absoluut!’

 

HIERMEE EINDIGDE DEEL 4 VAN DE LEZING.                                                                            DAARNA WAS ER GELEGENHEID VOOR DE AANWEZIGEN OM IETS IN TE BRENGEN:

ovaal 2Vraag: HOE KOPPELT U LIEFDE AAN WAT U HEEFT VERTELD?

Spreekster: Wat wij in onze wereld liefde noemen is zoals alle tienduizend dingen gepolariseerd en daarom gekoppeld aan haar tegendeel: afkeer, of zelfs haat. Voorbeelden daarvan kennen we mogelijk uit eigen ervaring, maar we zien we dit bijvoorbeeld goed bij een scheiding. Aan het begin van de relatie schoten woorden tekort om de geliefde mee te beschrijven. Gaat men uit elkaar dan beschikt men over een enorme woordenschat om de ex geliefde mee aan te spreken, vaak beginnend met:  ‘Jij lelijke’.   .   . of een  variatie hierop. Onze liefde is dus niet van permanente aard en kan dat ook niet zijn vanwege de polariserende werking van het Yin en het Yang.

Lao Zi benoemt deze paren van tegenstellingen helder in zijn tweede vers:

DDJ 2Allen onder de hemel weten zo dat mooi ‘mooi’ is, dan splijt het in lelijk

Allen weten zo dat goed ‘goed’ is,       dan splijt het in slecht.   

Daarom, zijn en niet-zijn produceren elkaar wederkerig

Moeilijk en gemakkelijk brengen zich wederkerig voort

Lang en kort geven elkaar wederkerig verschil in vorm

Hoog en laag brengen elkaars ongelijkheid voort

De toon en de stem harmoniëren wederkerig

Het voor en het na volgen elkaar wederkerig op

Vraag: HOE KIJKT LAO ZI AAN TEGEN LIEFDE  zoals in het nieuwe testament?

 

Spreekster: In vers 49 zegt Lao Zi:

hart wijzeNooit heeft de wijze een eigen hart.               Hij beschouwt het hart van ieder ander        als het zijne.

Degenen die goed zijn, behandel ik als goed. Degenen die niet goed zijn, behandel ik ook als goed.

Zo wordt de kracht van Tao – de Teh – werkzaam.

Lao Zi koppelt de tijdloze liefde steeds aan een mens die een zuiver hart heeft. Een hart zonder persoonlijke voorkeuren. In dit hart kan de kracht van Tao zich openbaren. Hierdoor leert hij stapje voor stapje om nooit ergens over te oordelen, want dit brengt scheiding teweeg. Hij verbindt zich met het hart van ieder ander mens alsof dit het zijne zou zijn.

012Dit is mogelijk doordat in een zuiver hart de liefde vanuit de Teh straalt. De Teh kan – evenals Tao – niet in haar tegendeel verkeren.

Deze liefde kan daarom niet anders dan niemand buitensluiten. Zij is zoals de zon: deze schijnt voor iedereen, voor de goeden net zo zeer als voor de kwaden.

76We mogen dit niet vergelijken met onze opvatting van liefde en denken dat we van die tijdloze liefde getuigen wanneer we voortaan bij conflicten en meningsverschillen zeggen: ‘Ja, schat, je hebt helemaal gelijk hoor’. Dat is onze menselijke invulling van lief-zijn.

Tijdloze liefde ervaren kan zelfs betekenen dat we heel pijnlijke dingen overkomen die ons oude ik verbreken zodat iets van de tijdloze natuur in ons kan groeien. Dit doet ons ‘deugd’ omdat het ons verbindt met Tao.

attract-wealthOpmerking: DIT IS VOOR MIJ EENZELFDE LIEFDE ALS WAAR JEZUS OVER SPRAK. Hij bedoelde daar in feite ook Tao mee.

Spreekster: Daar heeft u helemaal gelijk in. Jezus sprak ook over zachtmoedigheid, over het liefhebben van onze vijanden; in feite dus om geen voorkeur te hebben voor de ene mens en de andere af te wijzen.

 

1361294

Dit is voor ons heel moeilijk om na te volgen want er is in ons altijd iets dat botst met anderen. We hebben behoefte om gelijk te hebben of te krijgen. Wanneer we echter onze eigen beperkte visie loslaten ontstaat ruimte voor het tijdloze dat nooit oordeelt.    Vraag: Is dit een alomvattende liefde?Antwoord: Ja. Jezus en Lao Zi spraken over eenzelfde universele en meedogende Liefde.

dual_vortex1Inbreng:                                                             IK ZIE HET BEELD VAN EEN ORKAAN.

Het oog daarin is stil, terwijl het eromheen een voortdurend bewegen is. Dat laatste zie ik als het Yin en het Yang van onze wereld. Het oog van die orkaan zie ik als de ware natuur. Dus als die kern waar geen dualiteit is.

Spreekster: Heel mooi, treffend beeld, dank u wel.

 

32

Inbreng: WIJ REIZEN MET EEN ONGELOFELIJKE SNELHEID DOOR HET HEELAL terwijl we daar niets van beseffen, in onze waarneming is het alsof we stilstaan. Maar ook het zonnestelsel beweegt rond een onzichtbare kern in het melkwegstelsel. En ook het melkwegstelsel beweegt weer rond een stil midden.

90Spreekster: Mooi ! In het hele grote geldt hetzelfde principe: alles draait met

verschillende snelheden om een schijnbaar leeg middelpunt. Dit is een mooie metafoor voor het ‘lege midden’ waarover Lao Zi spreekt. Dit midden is niet ‘leeg’, maar het doet zich aan ons voor als zijnde ‘leeg’: we kunnen het niet vullen met dingen uit de wereld van de tienduizend dingen. Het is echter vol van een tijdloze energie die geen tegendeel kent.

 

komInbreng: TAO IS NIET – NIETS – .

Als wij minder worden ontstaat een leegte, een ‘niets’. Tao is zowel een ‘niets’ als ook een ‘alles’, zodat we ons realiseren dat het niet ‘niets’ is. Maar dat is misschien wat cryptisch omschreven?

Antwoord: Integendeel, u bent heel helder.

(Hierna ontstond er in de zaal spontaan een diepe stilte die geruime tijd aanhield.)

 

Lao zi op een osHiermee is de gehele Pentagram boekwinkellezing op deze site opgenomen, inclusief de inbreng vanuit de zaal.

De komende weken zal er een korte winterstop zijn. Daarin wordt achter de schermen de herdruk van ‘Hart voor Tao’ voorbereid (deze is momenteel uitverkocht, maar medio februari weer verkrijgbaar).

Vanaf zaterdag 2 januari zal er wekelijks een nieuwe tekst verschijnen. Deze gaan dieper in op enkele van de 81 verzen van de Daodejing. Jij als lezer bent dan van harte welkom om je visie daarop met andere lezers te delen !

Fijne feestdagen toegewenst en hopelijk tot 2 januari.

Het team ‘Pentagram boekwinkel’ en ‘Spirituele teksten’.

Uitgelicht bericht

Derde deel Pentagram boekwinkellezing van 11 november j.l.

We vervolgen onze ontdekkingsreis met een gedeelte uit vers 16 van de Daodejing:
JiagiIk tracht naar de uiterste leegte en bewaar de diepste stilte.  In het gewoel der tienduizend dingen zij aan zij, aanschouw ik hun terugkeer.

Immers: alle dingen komen tot bloei en keren daarna terug tot hun wortel.                 Terugkeren naar de wortel houdt in: verstillen.       Verstillen houdt in: terugkeren naar de oorsprong.

Hier is een mens aan het woord die zich tot het midden richt, die weet waar hij het over heeft. Die zich tot het midden richt, tot het centrum in zijn eigen hart. Daarin is hij verbonden met de tijdloze stilte: met de vonk van Tao, het oeratoom.

64Deze wijze is in alle opzichten volkomen leeg geworden aan persoonlijke voorkeuren: hij streeft niet om dingen te bereiken die hem welgevallig zijn, hij wijst niets af, ook niet de akelige dingen die hem overkomen. Hij verzet zich nergens tegen en verbindt zich met niets.

Het lijkt bijna alsof Lao Zi hier een heilige mens aan het woord laat. We kunnen dit ook opvatten als een verwijzing naar een mens die in een proces staat. Dit is een proces dat ook ons uitnodigt om erin te treden, ook al lijkt het misschien erg hoog gegrepen, want wie kan er nu volkomen leeg zijn aan eigenbelang? Het openstellen voor Tao is een proces. Als we gaan leren om het Yin en het Yang te aanvaarden zoals ze zijn: hulpmiddelen om ons bewust te worden die we zijn waar we staan en waar we heengaan.

Dat houdt in dat een mens zijn leven begint te aanvaarden zoals het tot hem komt, met heel zijn Yang kanten en met heel zijn Yin kanten. Anders gezegd: met alles wat hem aanstaat en alles wat hem niet aanstaat.

colagem-de-digitas-da-arte-abstrata-2061627Natuurlijk blijft hij dingen meemaken die hem diep raken, of pijn doen, die hem uit zijn evenwicht brengen, en ook dingen die hem blij maken, vreugde geven, waarvan hij kan genieten. Alleen gaat er nu geleidelijk aan iets in hem veranderen: hoe mee hij zich tot het tijdloze in zijn hart richt, hoe minder hij zich meegesleept weet door de nare of de vreugdevolle dingen in zijn leven.

Ze zijn er wel, maar het accent verschuift langzaam aan naar het tijdloze.  Hij aanvaardt dat de dingen in zijn leven gebeuren om ervan te leren. Hierdoor komt het steeds minder bij hem op om zich vragen te stellen als: ‘Ik deed toch niets verkeerds? Waarom overkomt mij dit akelige dan?’ Hij ziet de Yin en Yang als behorend tot deze wereld: de ene keer is het leuk, de andere keer is het akelig.

Veld3Wie dit doet, wordt minder aan eigenbelang en begeerten. Dan doemt uit de diepte van zijn wezen, uit het midden van zijn hart, een diepe, innerlijke stilte op.         

Diep, omdat deze vanaf Tao afkomstig is.

Innerlijk, omdat deze stilte niet gepolariseerd is; zij kan niet tot haar tegendeel verkeren. Want Tao is niet van deze natuur, en is daarom niet gepolariseerd.

Tao is gezien door onze gepolariseerde ogen als ‘leeg’ . Maar zij is ‘vol’ van een tijdloze liefdekracht die nooit in haar tegendeel om kan slaan en die niets of niemand buitensluit.

Vanuit deze ‘leegte’ ziet deze wijze mens de tienduizend dingen als in een bonte stoet aan zijn geestesoog voorbijtrekken. Hij neemt waar hoe zij zich ontwikkelen, maar ook hoe zij weer terugkeren tot hun wortel.

15725904950_32320867de_bDit is echter geen volautomatisch proces, want een mens die aandacht gaat besteden aan zijn innerlijke bron moet daarvoor moeite doen. Het gaat niet vanzelf om te leren ons eigenbelang opzij te zetten.

Het vraagt aandacht om zich te richten tot de tijdloze natuur in het centrum. We kunnen dus niet rustig achterover leunen en gewoon doorgaan met ons leventje in de idee dat we allemaal als vanzelf ooit wel een keer tot de leegte in het eigen hart zullen komen.

In de praktijk betekent dit dat wij in gaan zien dat ons hart gevuld is met allerlei dingen die ons eigenbelang dienen. En dit belang gaat altijd gepaard met lawaai, onrust, beweging, want het is verbonden met het almaar veranderende Yin en het Yang.

fractal-17--0001-De kunst is om ons te richten tot het tijdloos midden dat wij voortdurend en altijd met ons meedragen.

Van daaruit klinkt ‘de stem zonder woorden’. Wat deze ons leert is altijd heel eenvoudig, maar toch zo moeilijk uit te voeren: ‘Mens zie af van je egocentrisch belang’.

Dit vraagt van ons om heel bewust keuzes te maken: is wat ik doe in het belang van mijzelf, of voedt het de tijdloze natuur in mijn hart?  In de gewone wereld gaat het om MEER worden. Bij Tao om MINDER te worden.

Lao Zi zegt dit in vers 48 van zijn Daodejing:

Zich toeleggen op studeren betekent: dagelijks meer worden.

Zich toeleggen op Tao betekent: dagelijks minder worden.

spiritueelWe staan hier voor een lastig dilemma, want we moeten nu eenmaal gewoon de dingen van alledag doen en die lijken akelig weinig te maken te hebben met het voeden van de tijdloze natuur. Toch zijn juist die gewone dagelijkse dingen zo belangrijk omdat ze onze oefenschool zijn.

Het gaan van de weg tot in Tao betekent niet dat de narigheid die ons overkomt ons niet meer raakt; dat verbeeldt het ego zich maar al te graag. Het dagelijks leven is noodzakelijk omdat daarin duidelijk wordt in hoeverre hij in praktijk kan brengen wat ‘de stem zonder woorden’ hem heeft geleerd.

Het ideaal wordt in het dagelijks leven op zijn waarde beproeft. De leerling van Tao staat uur na uur voor de opgave om zich van binnen de verbinden met de tijdloze stilte, terwijl hij van buiten gewoon midden in de wereld staat.

Lao Zi zegt verderop in vers 16:

Terugkeren naar de wortel heet stilte.’

Dat is wat we het herstellen van ons mandaat noemen.

Het herstellen van ons mandaat betekent: tijdloos zijn.

1011496_10151662792418260_2087043494_nDit roept misschien vragen op. Een mandaat ontvangt bijvoorbeeld een volksvertegenwoordiger namens zijn kiezers. Deze krijgt een opdracht welke hij binnen een bepaalde speelruimte mag uitvoeren.

Ieder mens bevindt zich te allen tijde op de weg tot in Tao, want de tijdloze natuur bevindt zich gedurende zijn leven altijd ‘in het midden’.

404297_1

Deze natuur is echter niet ons bezit, net zoals ons leven niet ons eigendom is. Ons tijdelijke leven is aan ons toevertrouwd; we mogen er naar eigen inzicht en vermogen voor zorgen.  Gedurende dit leven mogen wij namens het tijdloos midden in ons handelen.

Dit is het mandaat dat wij hebben gekregen

Het mandaat herstellen houdt in dat wij onze tijdelijke natuur – die op het eigenbelang gericht is – leren loslaten. Daarmee scheppen wij de voorwaarde waarop de tijdloze natuur  uit het duister van ons hart ‘aan het licht’ gebracht kan worden.

bal in waterIn het gewone leven handelen wij als iemand die een bal met grote inspanning zo diep mogelijk onder water duwt.  Steeds weer echter glipt de bal naar links en naar rechts en het kost ons dan ook de grootste moeite om hem er onder te houden. Ten einde raad gaan we dan maar met ons volle gewicht over de bal heen hangen.  Wordt al die moeite echter opgegeven dan schiet de bal als vanzelf omhoog; deze is dan bevrijd uit zijn onnatuurlijke element.

Wij zijn het echter niet die dit doen – we zouden er niet toe in staat zijn omdat we aan onszelf vastzitten –  maar door onszelf los te laten kunnen we er wel aan meewerken dat de tijdloze natuur niet langer gevangen ligt in ons hart.

Chakra-BGHet is de kracht die van Tao uitgaat waardoor wij onszelf kunnen ‘vergeten’ waardoor de tijdloze natuur in ons groeit, toeneemt.                                                       Dit zijn allemaal woorden. Woorden horen bij de wereld van de tienduizend dingen. Ze zijn daarom niet toereikend om er iets mee te beschrijven van het Mysterie.

De mens die zich tot ‘het midden’ richt begint aan een proces waarin hij geleidelijk aan innerlijk stil wordt. Dit is geen uiterlijke stilte, maar een innerlijk stilzijn, omdat hij zich steeds meer openstelt voor het tijdloze in hem waardoor de wisselingen tussen het Yin en het Yang minder invloed op hem krijgen.

spiegel 4Als gevolg hiervan gaat zijn hart als een heldere spiegel fungeren. Wie daarin kijkt wordt zich ervan bewust dat hij als tijdelijke mens een mandaat heeft ontvangen: om namens het tijdloze te handelen in een wereld van voortdurende veranderingen.

Hij gaat leren om zich toe te wijden aan zijn oorspronkelijke natuur, terwijl hij gewoon midden tussen de tienduizend dingen leeft en daar doet wat hij te doen heeft.yellow-emperor-ch

Dit is een ingrijpend maar ook langdurig proces, waarin een mens leert door vallen en opstaan.

Terwijl hij almaar stiller wordt, rijst tijdens dit proces langzaam maar zeker de tijdloze natuur in hem omhoog.

Zo vervult hij zijn mandaat.

Wie de weg van het tijdloos midden volgt wordt als een innerlijke koning.

Zhuang Zi zegt hierover:

Waarlijk!

In het open en stil zijn, met vredige mildheid

en in eenzame kalmte niet-doen – wu wei –

daarin ligt de grondslag van hemel en aarde.

Daarin ligt de hoogste uiting van de TEH van Tao.

Daarom zullen de vorst en de wijze immer daarin verblijven.

mist

Ook na dit derde deel van de lezing was er gelegenheid tot inbreng vanuit de aanwezigen:

tehVraagster: WAT GEBEURT ER WANNEER IK ALMAAR MINDER WORDT? 

Antwoord: Ja, we willen wel graag resultaten zien van onze inspanningen (gelach). Het aparte is dat hoe meer resultaat we verwachten, hoe minder we het ‘minder worden’ zullen bereiken. De Vlaamse sinologe Patricia de Martelaere zegt dat Tao een weg is om niet te volgen.                        

Of zoals iemand eens zei: ‘Ik zie helemaal in dat ik minder moet worden. Ik wil niets liever, maar het lukt me almaar niet.’ Het is net met als wanneer we niet in slaap kunnen komen: hoe meer we het willen, hoe minder het gaat lukken. Wanneer jet het niet meer verwacht, val je spontaan in slaap.

stefanik 1MOET IK DAN NIET MIJN BEST DOEN?

Belangrijk is dat je de voorwaarden schept om in slaap te kunnen vallen: je blijft in je bed liggen. De voorwaarde om minder te kunnen worden is: je steeds weer opnieuw tot Tao in het hart te richten, zonder één enkele verwachting.                 Wij zijn gewend om wanneer we iets belangrijks willen bereiken ons tot het uiterste in te spannen.

We zijn gefocust op of we het wel goed gedaan hebben of niet; we willen graag horen of we slechts een zesje hebben verdiend of de felbegeerde tien hebben weten te bemachtigen. Daar hebben we allemaal niets aan in kwesties als het minder worden van ons ego. We kunnen immers onmogelijk beweren dat we meer zijn dan een ander omdat we zo goed zijn in het minder worden van ons ego? Dus daar staan we dan maar mooi .  .  .

Spreekster:  Is dit een beetje een antwoord op uw vraag?

Vraagster: NEE, NU WEET IK NOG NIETS. (gelach)                                                                

Spreekster: Dat is een prachtig begin! (gelach).

ernaOpmerking: IK MOET DENKEN AAN DAT LIED VAN TOON HERMANS:  ‘Ik zou dat ik twee hondjes was, dan kon ik samen spelen’.(gelach).                                          Maar ik wil helemaal geen twee hondjes zijn, maar alleen maar even wég uit die dualiteit, iets in die richting bedoel ik. Maar hoe doe ik dit?

Antwoord: Lao Zi zegt dat wanneer het loslaten van de dualiteit ‘als vanzelf’ gebeurt wanneer we ons op het tijdloos midden richten. Er gebeurt niets bijzonders lijkt het, het gaat spontaan, zonder opzet.

brug1Reactie hierop uit het publiek: JE KUNT HET OOK OMDRAAIEN: Niet zo vol zijn van jezelf. Je staat met je ik het minder worden ervan in de weg. Het begint met het nastreven van ledigheid waardoor iets universeels, iets niet-ik de ruimte krijgt om in de plaats van dat kleine ikje te komen.

Spreekster: ‘Dat heeft u kernachtig samengevat.’

 

1011Reactie uit publiek:: MINDER WORDEN BETEKENT DAT JE ERGENS ANDERS MEER WORDT.                       Je wordt minder in het nastreven van doelen, ambities en stress. Je wordt meer in acceptatie en bewustwording.

spreekster: Toch schuilt hier een addertje onder het gras omdat we ons met beide (zowel minder als meer worden) zouden kunnen vereenzelvigen. Dan zwaaien we het ego pontificaal door de voordeur uit, terwijl het meteen stilletjes door de achterdeur weer binnen komt en roept: ‘Kijk mij eens goed bezig zijn! Mijn minder worden levert me toch maar mooi iets op!’

 

cocoonemerganceReactie hierop uit publiek: IK WORD NIET MEER OF MINDER,   ik word me alleen bewust dat er een alomtegenwoordigheid bestaat. Tao kan nooit meer of minder zijn.                                   Spreekster: U bedoelt dat dit te maken heeft met ons bewustzijn dat weer voortkomt uit hetgeen waar we op gericht zijn: ons tijdelijke ego, of het tijdloos zijn in en om ons.           Reactie: JA.

 

20130710224321684Opmerking uit publiek: STREVEN NAAR MINDER WORDEN IS MISSCHIEN EEN VALKUIL.                            Je moet er helemaal niet naar streven, het is gewoon het gevolg van je bewustzijn en geen opzettelijk willen bereiken. Het komt voort uit het zodanig inrichten van je leven dat een minder worden van je ego daarvan een spontaan gevolg is. Dat is een omgedraaide actie.

Spreekster: Dat is zeker zo. Paradoxaal begint dit met een besluit: bereid zijn om zich open te stellen voor Tao. Dit leidt zonder opzet tot innerlijke stilte. Deze stilte wordt beleefd als een zelfovergave aan de vonk van Tao in het hart.  Het is dus geen besluit van het ego om minder te willen worden, maar een loslaten van de wensen en het willen ervan. Dank u wel voor deze waardevolle bijdrage.

Hiermee werd het derde deel van deze lezing besloten.

Volgende week zaterdag 5 december volgt  het verslag van het vierde deel.

Als extra een link naar enkele You Tube flimpjes. 

De eerste geeft een indruk van de uitspraak van het Chinees en van de Chinese muziek en cultuur:

In het tweede is de complete tekst van de Daodejing in het Chinees te horen. Het is ondertiteld in westerse talen:

In dit filmpje zijn taoïstische teksten te beluisteren, samen met mooie beelden en wat new-age achtige muziek:

 

Uitgelicht bericht

Tweede deel Pentagram boekwinkellezing van 11 november j.l.

Wij leven in een wereld van dualiteit, alles is hier tweevoudig. Niets blijft zoals het is, alles verandert voortdurend. Lao Zi spreekt hierover in vers 2 van zijn Daodejing, we lezen het eerste gedeelte daaruit:

13Als de hele wereld weet wat het mooie mooi maakt, dan is er al het lelijke.

Als iedereen weet wat het goede goed maakt, dan is er sprake van het niet goede.   Daarom:

12 Bestaan en niet-bestaan brengen elkaar voort.  Het moeilijke en makkelijke vormen elkaar.      Het lange en korte modelleren elkaar.

Hoog en laag steunen elkaar.                         Klanken en geluiden harmoniëren met elkaar. Eerder en later volgen elkaar op.

Tao tekening 1

Dat alles in onze wereld twee kanten heeft komt door de werking van twee immense krachten: Yin en Yang. In China was men zich hiervan al bewust vele eeuwen voor onze jaartelling.                            In onze tijd is het westen steeds vertrouwder geworden met Yin en Yang, zowel kinderen als volwassenen kennen het symbool en weten hoe het heet. Er wordt over gesproken alsof Yin en Yang goede bekenden van ons zijn die geen geheimen voor ons hebben.                                  Het zijn echter twee ongelooflijk grote energieën die uit het Mysterie zelf voortkomen en zo verfijnd werken dat zij hun geheimen nog lang niet aan ons prijs hebben gegeven.

11

 

Kort gezegd zijn het twee krachten die ieder de kern van de ander in zich dragen:                                                       Yin (zwart) draagt de kern van Yang in zich.                  Yang (wit) draagt de kern van Yin in zich.

Dit is goed te zien in het zo bekende symbool.

  • We zien daarin het Yin en het Yang afgebeeld in volkomen harmonie ten opzichte van elkaar.
  • Ze zijn statisch getekend.

De werkelijkheid is anders: het Yin en het Yang zijn voortdurend in beweging. Wanneer de een toeneemt, neem de ander af. Beide nemen om beurten toe, bereiken uiteindelijk hun uiterste grens en nemen dan af.

yinyang-vissenWanneer bijvoorbeeld het Yin haar grootste volheid bereikt, doemt in de diepte het Yang op. Vervolgens neemt het Yang tot volheid  toe en bereikt het uiterste punt, waarop het Yin uit de diepte opdoemt en weer toeneemt.

Wat is hiervan de bedoeling?                             Door het Yin en het Yang doen wij ervaringen op in de wereld van de tijdelijkheid. We ontwikkelen een persoonlijkheid; een tijdelijke mens met een heel eigen karakter, levend in zijn eigen cultuur en met de mogelijkheid om zich tot een compleet mens te ontwikkelen.

e8d821f10Maar Yin en Yang zijn geen blinde herhalingen van almaar hetzelfde. Door iedere beweging tussen het Yin en het Yang wordt iets nieuws toegevoegd.

Zo heeft de mens van onze tijd en in onze cultuur, (wij zeggen dit er heel nadrukkelijk bij) zelfbewustzijn ontwikkeld. Nog een stap verder en hij gaat beseffen dat hij een tweevoudig mens is: tijdelijk naar zijn stoffelijke verschijning, en tijdloos gezien naar de energie die uit de onnoembare Bron voortvloeit.

 

9Een mens die begint te zien dat hij ervoor kan kiezen zich open te stellen voor het Mysterie dat in en om hem is en dat al het leven doorstraalt.                                         Dan dringt het besef door dat hij niet alleen maar heeft te zorgen voor zijn tijdelijke behoeften, maar net zo goed aandacht heeft te besteden aan het tijdloze in hem.

 

8Yin en Yang houden elkaar voortdurend in beweging. Dit is mogelijk doordat zij bewegen rond iets dat niet beweegt. Een voorbeeld: het is mogelijk om een heel grote cirkel te tekenen wanneer we om een paal een touw binden met aan het uiteinde een stuk krijt. Terwijl de paal op zijn plaats blijft, kunnen we het touw vrijelijk rond laten draaien en zo een volmaakt ronde cirkel tekenen. Deze vrijheid van beweging is alleen mogelijk doordat de paal in het midden niet meebeweegt.

7                                                                        Zo bewegen ook het Yin en het Yang rond iets dat niet meebeweegt.

Een onbeweeglijk midden wordt in het Chinees een YONG genoemd.

Deze Yong hoort niet bij de wereld van de tijd. Het is als het ware een stukje tijdloosheid midden in de tienduizend dingen. De Yong is als een afspiegeling van het tijdloos Tao in het midden van de wereld van de tijdelijkheid.

 

6In ons leven is alles voortdurend in beweging door Yin en Yang. Beide hebben het mogelijk gemaakt dat wij ons konden ontwikkelen tot wie we nu zijn: mensen van de tijdelijke natuur.                                                                     Maar wij dragen in ons ook de tijdloosheid met ons mee.

Of eigenlijk is het andersom: de tijdloosheid draagt ons tijdelijke mensen met zich mee.

 

012Van dit onveranderlijk midden gaat een kracht uit.  Als een roep uit de wereld van het Mysterie. Wij, als tijdelijke mensen, ontvangen een oproep, we worden opgewekt om ons te herinneren dat wij tweevoudige wezens zijn:

  • tijdelijk naar onze vorm,
  • tijdloos naar de bezielende energie van die vorm.

Wanneer wij ons als persoonlijkheid hebben ontwikkeld, blijft er daarom nog iets van essentieel belang te doen: ons verbinden met het tijdloze in ons. Pas dan hebben wij onze menselijke mogelijkheden volledig benut.

5Wanneer wij ons als tijdelijke mens hebben ontwikkeld en gaan verlangen naar de tijdloosheid in ons, dan kan het niet anders dan dat de tijdelijkheid in ons af gaat nemen, opdat het tijdloze in ons toe kan nemen. Want we leven nu eenmaal in een dualistische wereld. Daarom  geldt ook hier de wet van het Yin en het Yang: als onze energie en aandacht voor het een toeneemt, neemt die voor het ander af.

Anders gezegd: wanneer de stem van het ego zwijgt, kan het tijdloze in ons spreken, in stilte, want letterlijke woorden zijn volkomen ontoereikend.                                                                Zhuang Zi zegt hierover:

4 De wijze is stil.                                                       Niet omdat men zegt dat stil zijn goed is,    maar omdat geen van de tienduizend dingen  in staat is zijn hart te beroeren.

Daarom is hij stil.

Wanneer het water stil is, dan weerspiegelt het alles, tot aan de baard en de wenkbrauwen toe;

Het oppervlak is zo zuiver waterpas, dat timmerlieden het als model nemen.

 Wanneer het water dat stil is zo helder wordt, hoeveel te meer nog de geest!

 

Einde tweede deel van de lezing.                                                                                                Meteen daarna was er gelegenheid voor de aanwezigen om iets in te brengen, zoals:

symbool 1VROUW: ‘WAT IS DE YONG PRECIES?’

Spreekster: ‘Het is een onveranderlijk midden, een centrum dat niet gepolariseerd is en daarom niet meebeweegt met het Yin en het Yang. Het is nooit geboren en zal ook nooit sterven, Vanuit onze dualiteit gezien doet het zich daarom voor als onveranderlijk.  Vanuit de Eenheid gezien is de Yong een uiterst dynamische kern omdat hierdoor de dualiteit mogelijk is. In het taoïsme wordt de dualiteit niet gezien als afgescheiden van de Eenheid, maar als daardoor opgenomen en omhuld’.

3VROUW: ‘IK ERVAAR HET MYSTERIE VAN HET LEVEN ALS EEN HEILIGE DRIE-EENHEID. HOE KAN IK DIT RELATEREN AAN HET DUALE BEELD VAN HET YIN EN HET YANG?’

Spreekster: ‘Wat bedoelt u precies met ‘drie-eenheid’?                          Vrouw: ‘Woorden geven aan processen van these, antithese waaruit een synthese voortkomt. Maar dit past toch niet binnen het Yin en het Yang?’

2Spreekster: ‘Dit lijkt op het eerste gezicht zeker waar te zijn. Het punt is alleen dat niets in deze wereld onveranderlijk is. These en antithese voegen zich inderdaad samen in een synthese, maar dit blijft niet zo. De synthese verandert na verloop van tijd in een nieuwe these, die weer een antithese oproept, waarna beide tot een nieuwe synthese uitgroeien.  We zien hierin de werking van het Yin en het Yang die tot elkaars tegendeel verkeren. Daarin wordt een tijdelijk evenwicht bereikt, de synthese. Daarna neemt of het Yin, of het Yang toe, dit wordt de nieuwe these, enz. enz. De beweging tussen het Yin en het Yang helpt om ons bewust te worden van het tijdloze in en om ons: de Yong die geen deel uitmaakt van de dualiteit’.

1VROUW: U HEBT HET DUIDELIJK UITGELEGD. HET BRENGT ONS TOT BEWUSTZIJN, MAAR HIEROVER HOORDE IK U TOT NU TOE NOG NIET IN UW VERHAAL.                                       Spreekster: ‘Ik ben blij dat u me hierop attent maakt. De werking van het Yin en het Yang maken het ons mogelijk om tot bewustzijn te komen.  Wat bewustzijn precies is valt moeilijk te omschrijven. Voor nu zou ik het erop willen houden op dat we ons iets realiseren wat we voorheen nog niet beseften.

541025_245376535592730_674755363_nWat ik hier bedoel is dat wij door de werking van het Yin en het Yang de mogelijkheid hebben om ons bewust te worden dat beide zich alleen kunnen bewegen dankzij een onbeweeglijk midden. Dit midden is ingebed in het Mysterie. Een volgende stap is dat wij ons bewust zijn dat wij hiervan geen deel uitmaken, terwijl we dit midden wel in ons meedragen. Het zijn treden van bewustzijn, maar niet steeds van een ego-bewustzijn.

Zijn er nog meer mensen met moeilijke vragen?’ (gelach)

ba57498a

MAN: ‘IK HEB GEEN VRAAG MAAR WIL IETS TOEVOEGEN’:

Het Yin en het Yang zijn niet alleen wit of zwart, maar staan ook voor het mannelijke en het vrouwelijke. Het mannelijke gaat in het midden, in het hart, over in het vrouwelijke en in dat midden is geen polariteit.  Dit tijdloos midden is in alles: in het hele kleine, maar evenzeer in het hele grote, het is in de hele kosmos’.

(Dit is goed te zien in filmpjes over de Torus, bijvoorbeeld in:)

science-torusSpreekster: ‘Dank u voor deze belangwekkende inbreng!  Hier wordt in moderne taal en met eigentijdse middelen duidelijk gemaakt wat de oude taoïsten al beseften: het tijdloze manifesteert zich in alles. Dit besef vraagt van ons een open mind, om te leren zonder vooroordeel te kijken naar de dingen zoals ze zijn.

torus_chalk_poleDan kunnen we iets ervaren van de  onbeweeglijke Kracht die van het Mysterie uitgaat: de Teh van Tao. Het is paradoxaal dat wij dit beseffen doordat we het bewegende waarnemen. Zoals in het voorbeeld van de paal in het midden waaromheen een cirkel getrokken werd’.

 

 

0torusOPMERKING MAN :

‘Dit is de torus van Tao’.

Spreekster: Wat klinkt dit prachtig!

Publiek: ‘Wat is een Torus?’

Antwoord man: ‘De torus is de naam voor de krachtlijnen structuur die in principe ieder lichaam omgeeft’.

(HIEROP GAF HIJ DEZE WEEK OP VERZOEK EEN TOELICHTING:)

Alles macrokosmos, kosmos en microkosmos bezit een kern en vanuit die kern komen de krachtlijnen voort. Wij noemen dit de noord en zuid pool, maar dat kan net zo goed andersom zijn. Waar het om gaat is dat er instromende krachten zijn en uitstromende krachten. Deze krachten, dit lijnenspel loopt door de kern en wisselt daar van polariteit.

                                                 In de kern is géén polariteit.                                                                               Daar is binnen/buiten en buiten/binnen en is alles met elkaar verbonden en één.

In het heelal zien we elk melkwegstelsel als een schijf, maar ook daar wervelen de krachtlijnen naar boven en onder om zo via top en bodem naar de kern te vloeien. Omdat dit een spiralengang is die steeds meer verdicht en sneller gaat (als de draaikolk in de afvoer) beleven we een toenemende versnelling in alle dingen, ook de druk wordt hoger. (klik op het filmpje om een indruk te krijgen)

galaxy1NAGEKOMEN REACTIE SPREEKSTER:

In de taoïstische filosofie wordt gezegd dat de oer-energie bestaat uit een kern van Tao in het midden en daaromheen wervelen de twee krachten: Yin en Yang. Vanuit deze oer-energie is ons universum tot leven gewekt. Al het daarin bestaande heeft deze zelfde basisstructuur. De oer-energie heeft zich almaar verder versnipperd, hierdoor is het ook verder van Tao af geraakt.

frequenDe vraag is nu of de torus dan Tao zelf is die zich aan ons openbaart? Het antwoord lijkt erg ‘chinees’: het luidt zowel  ‘ja’, als ‘nee’.          ‘Nee’, omdat Tao altijd in het verborgene werkzaam is en zich nooit manifesteert.             ‘Ja’, omdat de kracht die van Tao uitgaat – de Teh – te ervaren is. Wat betreft het energieveld van de torus kan deze opgevat worden als een afspiegeling van een afspiegeling van de Teh.

Maar de Teh is niet los te zien van Tao! Net als Yin en Yang is de torus op te vatten als een van de manifestaties van de Teh van Tao. Het verband tussen Tao en de Teh maakt Lao Zi duidelijk in vers 51:

Tao geeft alles leven.                                                                                                                                  De Teh voedt het.                                                                                                                                        De substantie geeft het vorm.                                                                                                                  De omstandigheden voltooien het.

cirkelsDit principe drukt zich uit in al het bestaande in ons universum. Het scheppingsproces in de kosmos neemt de vorm aan van een doorlopende en bijna rekenkundige vermenigvuldiging van deze oer-structuur en is te zien in zowel het hele grote als in het uiterst kleine.

Het Yin en het Yang voeren een dans uit rondom het onbeweeglijk midden, hierdoor transformeert uiteindelijk de hele schepping. Yin en het Yang worden dan opgenomen in de Eenheid van vóór het ontstaan van de dualiteit, en keren van daaruit uiteindelijk terug tot in Tao.

9

Het is de mens gegeven om aan dit proces bewust mee te werken door een levenshouding van wei wu wei : doen het niet-doen.

Dit houdt in: alle actie die gebaseerd is op het niet-zijn. Het niet-zijn is een (ontoereikende) naam voor het grote Tao.      Zo houdt wei wu wei dus eenvoudig in:                                  iedere actie die geworteld is in Tao.

Het wei wu wei komt dus nooit voort uit welk (verheven) ego-belang dan ook, want deze zijn gebaseerd op het Yin of het Yang en verkeren daarom altijd in hun tegendeel.

 

Lees hierover volgende week zaterdag 28 november verder in deel drie van de Pentagram-boekwinkellezing, inclusief de vragen en opmerkingen van de aanwezigen.